Deze
gaffelbaard beentongvis komt voor in de wateren van Guyana en in de
Amazone. Hij kan wel 120 cm. lang worden. Zijn rug- en aarsvinnen
zijn lang en liggen tegenover elkaar. Deze vissen leven het liefst
in scholen in stilstaande en ondiepe wateren in rivierarmen of in
meren. Ze eten van alles : allerlei soorten levend voer, van
plankton tot vis. Het vrouwtje houdt de eieren in haar bek tot de
eieren uitkomen. De kleinste exemplaren eten graag Daphnia, de
larven van muskieten en vele andere waterinsecten. Wanneer ze ouder
worden, eten ze het liefst vis. Ook kunt u ze groenten te eten
geven. Middelgrote exemplaren zijn mooi voor in het aquarium. Het is
wel verstandig het aquarium goed af te sluiten, want deze soort kan
uitstekend springen. Primitieve kenmerken zijn karakteristiek voor
deze familie. De vissen in deze familie zijn nauw verwant aan
soorten van de familie van de Arapaimidae, waartoe de grootste
zoetwatervis die nu bekend is, behoort. Dit is de Zuidamerikaanse
Arapaima gigas, die twee tot vier en een halve meter lang kan
worden. |
|
|
|
|
|
|
|