header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Papoea-Nieuw Guinea

 

Terug naar overzicht AustraliŽ >>

 

Papoea Nieuw-Guinea (Eng.: Papua New Guinea; pidginengels: Papua Niugini), republiek op het oostelijk deel van het eiland Nieuw-Guinea, 462.840 km2, met 4.205.000 inw. (9 inw. per km2); hoofdstad: Port Moresby. Tot de republiek behoren tevens de Bismarckarchipel en de Admiraliteitseilanden en een deel van de Solomoneilanden, waaronder Bougainville. Munteenheid is de kina, onderverdeeld in 100 toea. Nationale feestdag is 16 september, onafhankelijkheidsdag.

1. Bevolking
De bevolking bestaat bijna geheel uit Papoea's; daarnaast wonen er ca. 30.000 buitenlanders, vnl. blanken en een kleine groep Chinezen. De bevolkingsdichtheid is gering; het centrale hoogland en het eiland Manus (Admiraliteitseilanden) zijn naar verhouding echter dicht bevolkt. Het geboortecijfer was in 1993 33Č, het sterftecijfer 11Č. 16% van de bevolking woont in de steden; de grootste zijn Port Moresby (193.242 inw.), Lae (78.265), Madang (24.700), Wewak (23.200) en Goroka (21.800). De officiŽle taal is Engels; het neomelanesische Pidgin is de meest gebruikte omgangstaal. Daarnaast worden nog 700 lokale talen gesproken. Ruim 90% van de bevolking is christen; de Rooms-Katholieke Kerk heeft de meeste aanhangers (33%); daarnaast zijn er verschillende protestantse groeperingen, de grootste groep zijn de lutheranen (27%), overige protestantse groeperingen: 31%. Animisme komt nog voor (2,5%). Plaatselijk komen nog cargo cultsvoor.

2. Bestuur en samenleving
Volgens de grondwet van 1975 is de Britse vorst(in) staatshoofd, ter plaatse vertegenwoordigd door een gouverneur-generaal. De wetgevende macht is in handen van een uit ťťn kamer bestaand parlement van 109 leden, die iedere vijf jaar volgens algemeen kiesrecht worden gekozen. Iedere staatsburger van 18 jaar en ouder heeft actief en passief kiesrecht vanaf 25 jaar. Bestuurlijk is het land onderverdeeld in 19 provincies en ťťn district, de hoofdstad. Het Papoea Nieuw-Guinea is lid van het Gemenebest, de Verenigde Naties en een aantal van haar suborganisaties, de Organisatie van Niet-Gebonden Landen, de South Pacific Commission en geassocieerd lid van de Europese Unie.
De politieke partijen vinden hun basis in de behartiging van stam- en regionale belangen en niet in ideologische stelsels. De belangrijkste zijn: de Pangu Pati, die veel aanhang in de steden heeft, de People's Progress Party (PPP), de United Party (UP), en de People's Democratic Movement (PDM), een afsplitsing van de Pangu Pati. Er zijn 30 categorale vakbonden, die samenwerken in de Papua New Guinea Trade Union Congress.

3. Economie
Landbouw, vnl. voor eigen gebruik, wordt bedreven op kleine bedrijven. Gemeenschappelijk grondbezit komt veel voor. Slechts ca. 15% van de daarvoor in aanmerking komende grond wordt bewerkt, merendeels voor eigen onderhoud. Op voornamelijk door blanken geleide plantages worden producten voor de wereldmarkt verbouwd. Voornaamste landbouwproducten zijn: zoete aardappelen, maniok, aardnoten, koffie, cacao, thee en rubber. De veehouderij beperkt zich overwegend tot varkens- en pluimveeteelt. De kustvisserij wordt door de bewoners bedreven, de zeevisserij door buitenlandse bedrijven. Ca. 70% van de bodem is met bos bedekt, waarvan eenderde exploitabel is. Sinds 1989 is de export van rondhout (o.a. ebbenhout en teakhout) verboden. Mijnbouw levert ruim 75% van de inkomsten uit de export. De kopermijn van Panguna op Bougainville (die overigens een enorme vervuiling van het milieu veroorzaakt) is een van de rijkste ter wereld. Daarnaast worden veel goud en zilver gedolven. Aanzienlijke goud- en kopervoorraden zijn gevonden in de Star Mountains en aan de noordkust. Grote aardgas- en olievoorraden zijn ontdekt in 1985 in de provincie Southern Highlands. De industrie, meestal uitgevoerd in kleine bedrijven, beperkt zich tot het verwerken van grondstoffen (inclusief die van mijn- en bosbouw) en omvat de fabricage van bier, tabak, glas, verf en textiel. De energieopwekking vindt vnl. plaats via waterkrachtcentrales.
De belangrijkste uitvoerproducten zijn: kopererts, goud, koffie, cacaobonen, kopra, kokos- en palmolie en rubber. Afnemers zijn Japan, Duitsland, AustraliŽ, Zuid-Korea en Groot-BrittanniŽ. Ingevoerd worden machines, transportmiddelen, minerale brandstoffen, voedingsmiddelen en chemicaliŽn. Leveranciers zijn: AustraliŽ, Japan, de Verenigde Staten en Singapore.
Centrale bank is de Bank of Papua New Guinea. De Agriculture Bank of Papua New Guinea financiert ontwikkelingsprojecten, gesteund met lange termijnleningen van de Asian Development Bank en de Wereldbank. De overheid wil door middel van de National Development Strategy en de National Investment Strategy de ontwikkeling van de economie meer gaan sturen, maar de corruptie bemoeilijkt dit. Veel materiŽle hulp voor diverse projecten wordt geleverd door AustraliŽ en Japan.
Het wegennet van 19!736 km. is slecht ontwikkeld en er zijn geen spoorwegen. Het scheepvaartverkeer langs de kust en op de rivieren is van groot belang. De Papua New Guinea Shipping Company, eigendom van de staat, onderhoudt de scheepsverbinding met AustraliŽ, Japan, de Verenigde Staten en de eilanden in de Grote Oceaan. Er zijn 16 zeehavens, waarvan Fairfax Harbour (Port Moresby) de belangrijkste is. De Air Niugini onderhoudt het binnenlands en buitenlands vliegverkeer. Port Moresby heeft een internationale luchthaven, voorts zijn er 400 kleinere luchthavens en landingsbanen.

4. Geschiedenis
Bij het Anglo-Duitse Verdrag van 1885 kreeg Duitsland het noordoostelijk deel van het eiland Nieuw-Guinea toegewezen, terwijl Groot-BrittanniŽ het zuidelijk deel nam. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog bezetten Australische troepen het Duitse deel en in 1921 werd dit door de Volkenbond als mandaatgebied aan AustraliŽ toegewezen. In 1947 kwam dit deel als trustgebied onder controle van de Beheerschapsraad van de Verenigde Naties. Groot-BrittanniŽ had zijn deel in 1901 onder Australisch beheer gesteld en in 1906 werd dit omgedoopt tot Territory of Papua. Beide delen bleven lange tijd een aparte status behouden, maar in 1972 werden de gebieden samengevoegd onder de naam Papua New Guinea en op 16 sept. 1975 werd Papoea Nieuw-Guinea een onafhankelijke staat binnen het Gemenebest. In 1977 werden de eerste parlementsverkiezingen gehouden, waarna de Pangu Pati, de People's Progress Party (PPP) en enkele onafhankelijken een coalitieregering vormden, onder leiding van Michael Somare, die ook al onder het Australisch bestuur regeringsleider was geweest. Bij het tot stand komen van de onafhankelijkheid dreigde de Munkas Association op het eiland Bougainville een zelfstandige staat uit te roepen, maar Somare bood de leider, Father Momis, een plaats in de regering aan en het gevaar was bezworen. Van 1978 tot 1985 regeerden er wisselende coalities onder leiding van de Pangu Pati van Somare of de PPP van Sir Julius Chan. Sinds 1985 regeert de People's Democratic Movement (PDM, een afsplitsing van de Pangu Pati) van Paias Wingti in een coalitie met kleinere partijen. De relatie met IndonesiŽ bleef gespannen wegens vermeende steun van Papoea Nieuw-Guinea aan de Free Papua Movement in de Indonesische provincie Irian Jaya. In 1986 bevonden zich 12!000 vluchtelingen uit deze provincie in Papoea Nieuw-Guinea. Met Vanuatu en de Solomoneilanden vormt het vanaf 1988 de zgn. 'Spearhead Group', gericht op het behoud van de Melanesische culturele tradities en op het bereiken van de onafhankelijkheid van Frans Nieuw-CaledoniŽ.
Van 1988 tot 1992 regeerde Rabbie Namaliu, totdat hij na de verkiezingen in juni weer moest plaats maken voor Wingti.
Duizenden inwoners van het eiland Bougainville kwamen als gevolg van een economische boycot door het leger in 1991 om het leven. De achtergrond van de crisis op het eiland is de onafhankelijkheidswens van de eilandbewoners, die etnisch verschillen van de inwoners van de rest van het land. De spanningen namen verder toe als gevolg van milieuvervuiling door de enorme kopermijn in Panguna. Van de aanzienlijke opbrengsten uit deze mijn bleef weinig op het eiland achter, behalve een grote hoeveelheid giftig mijnafval. In 1989 werd de mijn gesloten, toen het revolutionaire leger van Bougainville (BRA) begon met het plegen van aanslagen op de mijn. De BRA werd in 1992 militair verslagen geacht, toen het regeringsleger de stad Arawa innam. De BRA begon echter een, door de naburige Solomoneilanden gesteunde, guerrilla. De verschillende vredesinitiatieven inzake het slepende conflict over het oostelijke eiland Bougainville, ontstaan uit protest tegen de koperwinning op het eiland door een Australische mijnonderneming, mislukten in de eerste helft van de jaren negentig.

Telefoongids Papoea - Nieuw Guinea
Postcodes Papoea - Nieuw Guinea

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009