| |
Ongeveer
250 jaar voor Christus
De Griekse uitvinder Ctesibius
voegde als eerste de drie onderdelen samen waaruit een orgel bestaat
: pijpen, een toetsenbord en luchttoevoer. Ctesibius besefte dat de
luchttoevoer constant moest zijn om een gelijkmatig geluid uit de
pijpen te krijgen. Hij plaatste de pijpen daarom op een grote bak
die van onderen open was en in een bassin met water stond. Als er
lucht in de bak gepompt werd, hield de druk van het water op de
lucht de luchtdruk redelijk constant, ook al varieerde de
hoeveelheid lucht in de bak. Zijn orgel, dat een hydrolos werd
genoemd, want hydro betekent 'water' in het Grieks, had voldoende
volume om in de open lucht te spelen.
|
|
|
|
|
|