header sterren

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Planeto´de

 
   
Hermes vormt voorlopig geen bedreiging voor de aarde.Wordt ook wel kleine planeet of astero´de genoemd, naam voor een groep van meer dan honderdduizend tot het zonnestelsel behorende relatief kleine (in vergelijking met de planeten) hemellichamen waarvan de banen grotendeels tussen die van Mars en Jupiter liggen (planeto´dengordel). Er zijn echter vele banen die tamelijk sterk van het gemiddelde afwijken. Daardoor zijn er vele planeto´den die de baan van de Aarde zeer dicht naderen, o.a. Adonis, Apollo, Eros, Hermes, Icarus en Geographos. In 1994 scheerde planeto´de 1994 XM1 op slechts 100!000 km langs de aarde: zulke planeto´den worden dan ook aardscheerders genoemd. Hun totale aantal wordt op 2000 geschat. Enkele planeto´den hebben banen die zich tot buiten de Jupiterbaan uitstrekken, bijv. Hidalgo [astronomie]. De helling van de baan van de planeto´den ten opzichte van de aardbaan bedraagt meestal minder dan 15░; enkele hebben echter een aanzienlijke helling (bijv. Pallas 35░).

1. Ontdekking
De eerste ontdekking van een planeto´de werd gedaan door Piazzi op SiciliŰ, die in 1801 Ceres ontdekte. Pallas, Juno en Vesta werden spoedig daarna ontdekt, maar pas vele jaren later werden er meer zwakkere planeto´den ontdekt. Ze zijn vrijwel geen van alle zonder kijker zichtbaar. Tegenwoordig worden ze uitsluitend langs fotografische weg ontdekt, jaarlijks gemiddeld een dertigtal, waarvan de baan bepaald kan worden. In 1996 waren er ruim 7000 planeto´den officieel geregistreerd. De planeto´den worden gewoonlijk aangeduid met behulp van een nummer, gevolgd door een naam, die door de ontdekker gekozen wordt, bijv. 433 Eros, 3 Juno.
2. Diameter
Planeto´den zijn lichamen waarvan het grootste (Ceres) een diameter van ca. 1000 km heeft. De kleinste die nog waargenomen kunnen worden, hebben een middellijn van enkele honderden meters en zijn zeer talrijk; het aantal met een middellijn van meer dan 1 km wordt geschat op 100.000. Het is zeker dat er zeer vele nog kleinere planeto´den zijn die altijd beneden de waarnemingsgrens blijven. De passage door de planeto´dengordel van ruimtevaartuigen, die daarbij onbeschadigd bleven, heeft aangetoond dat de dichtheid aan zeer kleine deeltjes kleiner is dan werd verwacht. Onder de vuurbollen (zeer heldere meteoren) bevinden zich verscheidene die uit banen komen die overeenkomen met sommige planeto´den. Vermoedelijk komen alle meteorieten uit de planeto´dengordel.
3. Massa
Vergeleken met de gewone planeten (waarvan de kleinste een diameter van 5000 km heeft), zijn de planeto´den slechts zeer kleine onbetekenende brokken materie. De massa van de grootste, Ceres, is ca. 1/8000 van de massa van de Aarde en de gezamenlijke massa van alle planeto´den kan op ca. 1/1000 van die van de Aarde worden geschat. Slechts bij de allergrootste planeto´den, Ceres, Pallas, Juno en Vesta, kan de diameter direct worden waargenomen en ook gemeten. Met behulp van een speciale interferometer kan zelfs hun vorm worden bepaald en zijn zelfs enkele oppervlaktedetails te onderscheiden.
4. Albedo
Diameters van kleinere planeto´den worden thans ook bepaald door hun straling in het infrarood te meten. De planeto´de kaatst een deel van het ontvangen zonlicht terug, afhankelijk van zijn albedo. De rest van de zonne-energie wordt opgenomen, waardoor het hemellichaam een bepaalde evenwichtstemperatuur bereikt. Door de helderheid van de planeto´de in het infrarood en in het zichtbare licht te meten, is het dus mogelijk de albedo te achterhalen. De albedo's bleken uiteen te lopen van 0,3 (normaal) tot 0,03 (zo donker als kolengruis). Statistisch zijn er twee hoofdgroepen, de donkere C-type-planeto´den en het lichtere S-type. Uit de gemeten helderheid kan men rekening houdend met de afstand en met de gevonden waarde van de albedo dan de diameter berekenen.
5. Ontstaan
Planeto´den zijn waarschijnlijk ‘restanten’ uit de ontstaansperiode van het zonnestelsel. Er bestaat ook een duidelijke verwantschap tussen planeto´den en meteorieten. Hun spectra vertonen in veel gevallen een treffende overeenstemming. Het S-type komt goed overeen met de steenmeteorieten (70%), het M-type wijst meer op een samenstelling van metalen, zoals de ijzermeteorieten en het spectrum van het C-type lijkt precies op dat van de koolstofhoudende chondrieten. Spectra van enkele niet geclassificeerde planeto´den die men met U-type aanduidt, blijken ook goed met meteorietspectra overeen te komen.
 
   

Footer worldwidebase



uw eigen startpagina


ę copyright WorldwideBase 2005-2009