| |
De
ringmus of passer montanus
Ringmussen zijn echte plattelanders. Vooral als u aan de rand
van een dorp woont of op een boerderij, krijgt u regelmatig
ringmussen op bezoek. Ze leven in kleine groepjes. Ringmussen
zitten wat strakker in het verenpak dan huismussen. Een groepje
ringmussen is gemakkelijk van huismussen te onderscheiden omdat
zowel mannetje als vrouwtje er hetzelfde uitzien. Ze hebben
allemaal een chocoladebruine kap.
Kenmerken
Kenmerkend is ook de witte wang met het zwarte vlekje.
Lengte : 14 cm.
Voedsel
Ringmussen hebben een ruime voedselkeuze, van insecten tot
zaden. De jongen worden vooral gevoerd met insecten.
Wintervoedering
Ze komen graag op de voedertafel en eten brood, zaden,
zonnebloempitten en keukenrestjes.
Nest
Ringmussen maken hun nest in holtes van gebouwen, knotwilgen,
maar vooral in nestkasten. Beide ouders bouwen aan het nest dat
gemaakt wordt van bladeren, stengels en haarwortels. Het wordt
gevoerd met mos, haar en veertjes. Als tijdens het nestelen in
de nestkast wordt gekeken, laten de ringmussen hun nest al snel
in de steek.
Broedgegevens
Maanden april tot augustus - twee tot drie legsels - twee tot
zeven bleekgrijze eieren met bruine vlekjes - broedtijd : 11-14
dagen, door beide ouders - vliegvlug : na 15-20 dagen;
zelfstandig na tien tot veertien dagen. |
|
|
|
|
|
|