Deze
soort komt voor in het zoete water in de bossen en de savannen in
het zuiden van Guinea en Sierra Leone. Volwassen exemplaren worden
ongeveer 4,5 cm. lang. Het mannetje is groter dan het vrouwtje. Bij
beiden is de keel rood, terwijl bij de verwante soort R. rollofi de
keel donker is. De eieren ontwikkelen zich in aquaria altijd zonder
onderbreking. Ze zijn zeer klein, met een diameter van 0,8 mm. Ze
rijpen snel; bij temperaturen van 25-27 graden C. komen ze na tien
tot twaalf dagen uit en 24 uur later beginnen de jongen reeds te
zwemmen en te eten. |
|
|
|
|
|
|
|