Voor de
middag
|
Omdat de verschillen tussen arm en rijk
erg groot waren in Rome, zullen we een dag van een rijk en arm gezin met elkaar
vergelijken. |
| |
Rijke familie |
Arme familie |
|
Uur 1. |
Een patronus, een rijke heer, werd wakker gemaakt door een
slaaf. Hij at vlug wat, want de eerste clientes stonden al te wachten voor de deur, om
hun meester (de patronus dus) te mogen begroeten. Dit gebeuren heette de salutatio.
Dit was een vast onderdeel van de dag voor elke patronus. Hierin kwamen de clientes
(over het algemeen vrij arme mensen) naar hun "eigen" beschermheer om hem te
begroeten. In ruil hiervoor gaf de patronus vaak wat geld of proviand om de dag door
te komen. Zoiets heette een sportula.
Ondertussen werden ook de andere familieleden wakker gemaakt. Ook zij kleedden zich
snel aan: de jongens moesten al vlug op school zijn, de meisjes moesten meehelpen in
het huishouden en leren hoe ze later zelf het huishouden moesten regelen, en de moeder
moest het huishouden regelen (lees: slaven opdrachten geven). De jongens werden door
hun paedagogus, een slaaf die zich met de kinderen bezighield, naar
school gebracht. Dan zaten ze verder de hele ochtend op school. Voor meer over het
onderwijs zie
Het Onderwijs, elders op deze
pagina. |
Een (meestal)
armeproletariër had geen slaven, en kon dus ook niet wakker gemaakt worden. Als hij
wakker was moest hij zich vlug aankleden en zich naar de villa van de patronus
begeven, voor de salutatio. De levensomstandigheden in de insulae, een soort
flatgebouwen waar het grootste (en arme) deel van de bevolking van Rome en andere
steden in woonden, waren erg slecht. Daarom waren er vaak zieken. Een beetje patronus
gaf zijn client dan geld voor een dokter of medicijnen. Clientes kregen ook vaak hulp
van hun patronus bij het starten van een klein bedrijfje of iets dergelijks.
De kinderen van proletariër gingen alleen naar de lagere school, maar niet naar de
middelbare of verder, want daar was geen geld voor. Deze kinderen hadden ook geen
paedagogus die hen naar school begeleidde, want slaven konden proletariërs al helemaal
niet betalen. |
|
Uur 2 t/m 6. |
Na de
salutatio ging de patronus naar zijn werk, laten we zeggen op het Forum Romanum.
Hierbij werd hij begeleid door zijn clientes, onder het motto: Een Romeins meester is
nooit alleen. Eenmaal op het Forum gekomen ging de meester aan het werk. Vergaderen of
toespraken houden op het ministerie, of bijvoorbeeld administratie bijhouden. Er
werkten veel mensen op het Forum. Om 12 uur had men even pauze. |
Na de
salutatio begeleidde hij zijn heer naar zijn werk. Hierna moest hij de dag zien rond
te komen. Hier en daar meehelpen voor wat geld, want een vaste baan had hij nooit.
Soms verzamelden proletariërs zich op bijvoorbeeld het Forum, en uit honger of
verveling gingen zij relschoppen. Die relletjes moesten dan door de lictores, de
stadswachten, worden opgelost. |
| |
|
|
| |
Na de middag |
| |
Rijke familie |
Arme familie |
|
Uur 7 |
Na de pauze
werkten de Romeinen nog even door, maar aan het eind van het 7e uur hielden ze er mee
op, omdat het te heet was geworden om door te werken. Ze hielden dan een soort siësta.
De patronus ging naar huis, en de jongens werden weer opgehaald van school door hun
paedagogus. |
Ook de
proletariërs hielden rond dit tijdstip een soort siësta, in hun insulae. Daar was het
vaak niet om uit te houden zo heet, maar dat was nou eenmaal zo. |
|
Uur 8 |
Vaak gingen de mensen uit deze kringen naar de Thermen, de badhuizen van Rome.
Hiervoor werd een zeer klein entreebedrag gevraagd. Hier konden te Romeinen lekker
uitrusten, zich laten masseren met olie en zand, en het stof uit de straten en stegen
van Rome van zich afwassen. |
Omdat het entreebedrag voor de thermen zo laag was konden ook de proletariërs naar de
thermen. Deze thermen waren zeg maar de villa's van de proletariërs, omdat ze hier
tenminste van de luxe en rijkdom van het Romeinse rijk konden genieten. |
|
Uur 9 t/m 12 |
Na het
thermenbezoek gingen de Romeinen eten. Dat deden ze in het triclinium, de eetkamer.
Zo`n maaltijd was voor de rijken een echt diner (cena). Zo'n cena was een sociaal
gebeuren. Om te beginnen kwamen er altijd gasten. Het diner duurde eigenlijk de hele
avond, en er werd zeer veel gepraat en gekletst, vooral door de mannen.
Een diner bestond meestal uit een hors d'oeuvre en 3 gangen.
- Hors d'oeuvre: over het algemeen met eieren, vijgen en
olijven.
- Voorgerecht: sla, groenten, champignons.
- Hoofdgerecht: vlees of vis (meestal zeebarbeel of tarbot,
daar waren de Romeinen dol op), met veel saus.
- Nagerecht: kaas, fruit of gebak.
De Romeinen aten met hun vingers. Dat kon omdat de slaven al
het vlees en de vis in hapklare brokken sneden, voordat het op tafel kwam. Als hun
vingers vies waren doopten de Romeinen ze in kommetjes met water. Soms gebruikten de
Romeinen een lepel, maar messen kwamen niet op tafel. Die werden alleen in de keuken
gebruikt. Vorken gebruikten de Romeinen al helemaal niet.
Bij een diner lagen de mannen op aanligbedden, en de vrouwen zaten er op stoelen bij.
De kinderen zochten hun plaatsje op de rand van een aanligbed of op de grond. Na het
echte eten gingen de kinderen naar bed, terwijl de volwassenen door bleven praten en
wijn en andere drankjes dronken. Zoiets noemt men een bachanaal. Het was dus meestal
erg gezellig bij een diner.
Nog iets merkwaardigs: De (rijke) Romeinen lieten hun tafel in de keuken dekken,
waarna de slaven de tafel met al het eten erop naar het triclinium brachten. |
De
proletariërs aten van wat de man die dag bij elkaar gesprokkeld had. Dat kon veel
zijn, maar ook niks. Dan zat er niks anders op dan honger lijden. Na het eten gingen
de meeste proletariërs naar bed, want de volgende dag moesten ze weer vroeg op, om
zich naar de salutatio te haasten.
|
|
|
|