|
|
|
Skara Brae -
Groot-Brittannië
De Orkney eilanden, waar de overblijfselen van de neolithische
nederzetting Skara Brae zijn, hebben een koud en winderig klimaat.
Maar omstreeks drieduizend voor Christus was dat klimaat veel
milder en werd er tarwe verbouwd.
De
boeren die in kleine nederzettingen leefden, hielden ook vee en
schapen. Ondanks hun agrarische bezigheden waren vissen en
verzamelen nog heel belangrijk voor de dorpsbewoners om hun
eetpatroon aan te vullen en een breed scala van werktuigen en
huishoudelijke goederen te bezorgen.
De onder duizenden jaren zand bedolven huizen in Skara Brae (zie
foto) kwamen na een zware storm in 1850 bloot. Verscheidene
pogingen werden ondernomen om ze op te graven voordat de beroemde
archeoloog G. Childe (1892-1957) in 1928 een volledige opgraving
realiseerde. Hij liet een nauwgezet verslag van de hele vindplaats
na, maar kwam niet tot een bevredigende datering. Skara Brae is
een unieke en geïsoleerde nederzetting, dus zonder moderne
technieken kon Childe niet voldoende parallellen met soortgelijke
wel gedateerde sites vinden, om het dorp in de tijd te plaatsen.
Hij was echter overtuigd dat de inwoners qua technologie en
levenswijze neolithisch waren en moderne dateringsmethoden gaven
hem gelijk.
Bougon - Frankrijk
Bougon (Deux-Sevres) maakt deel uit van een reeks megalithische
begraafplaatsen in West-Frankrijk en is in de jaren
veertig
van de 19de eeuw door plaatselijke oudheidkundigen ontdekt en
gedeeltelijk opgegraven. Het is één van de eerste neolithische
locaties in de streek die archeologisch is opgegraven en vanaf
1972 gaat dit systematisch in het kader van langlopend project. Er
zijn in totaal acht graftombes (zie foto), 'ganggraven', in vijf
grafheuvels op de begraafplaats, die het hele Neolithicum in
gebruik zijn geweest. In recente opgravingen zijn studies gemaakt
van grond en stuifmeel om te proberen de leefomgeving en regionaal
landschap ten tijde van de aanleg te reconstrueren. Met
C14-datering zijn twee cairns in Bougon gedateerd op ongeveer
3.800 jaar voor Christus. Onderzoek van het aardewerk en het
stenen materiaal heeft aangetoond dat de begraafplaats in het late
Neolithicum, het hele derde millennium voor Christus, nog gebruikt
werd. Megalithische begraafplaatsen zijn door hun uitgebreide
stenen constructie essentieel voor archeologen om tot een beter
begrip van de West-Europese neolithische culturen te komen.
Varna - Bulgarije
De
eerste metalen in de neolithische economie waren koper en goud,
waarschijnlijk doordat beide in de natuur voorkomen en zonder
smelten of verhitten makkelijk kunnen worden gedreven. De vroegst
bekende Europese metallurgie werd ontdekt op de Balkan en dateert
van ongeveer 5.000 voor Christus. Archeologen noemen deze
overgangsperiode meestal Kopertijd of Chalcolithicum in plaats van
Bronstijd, omdat het voornaamste gebruikte materiaal nog steeds
steen was en de kleine hoeveelheden gebruikte metalen
waarschijnlijk alleen voor status en symbolische doeleinden waren
bestemd, en niet voor praktisch gebruik. Toch is Varna, daterend
van het vijfde millennium voor Christus, één van de
spectaculairste begraafplaatsen in Oost-Europa. Ruim tweeduizend
gouden artefacten zijn hier vanaf de ontdekking in 1972 gevonden,
die voor een revolutie in het archeologische denken zorgde. |