|

|
Totalitarisme of
politiestaten worden over het algemeen gezien als een modern fenomeen, en
als aanduiding gebruikt voor het politieke systeem dat in Duitsland onder
nazi's, in Italië onder de fascisten en in de Sovjet-Unie en China onder de
communisten tot perfectie werd gebracht. In het moderne tijdperk van
massapolitiek, moderne communicatiemiddelen en geheime politie, werd totale
controle over alle burgers mogelijk.
Totalitaire regimes zijn dictaturen waarin de wet buiten
werking is gesteld en de belangrijkste staatsorganen de geheime diensten
zijn. Maar niet iedere dictatuur is totalitair. Hoewel totalitaire regimes
net als andere dictaturen gehoorzaamheid van hun burgers afdwingen door
terreur en intimidatie, onderscheiden ze zich door hun streven naar
aanhankelijkheid van de onderdanen aan het regime. Doel is het denken van de
burgers zodanig te doordringen dat volk en ideologie een eenheid worden.
Afwijkende meningen zijn dan onmogelijk geworden. Door alles tot een
partijzaak te maken, door aan elke daad en elke gedachte een politieke
dimensie te geven, wordt het privéleven gesmoord.
De schrijfster Jung Chang
(geboren 1952) heeft in haar boek Wilde Zwanen, herinneringen aan het leven
in Mao's China, de
praktijk van het totalitarisme beschreven. De beweging voor de Hervorming
van het Denken moest de partijlijn in het dagelijks leven van iedereen
verankeren. Iedere week was er een vergadering van de Uitverkorenen van de
Revolutie. Iedereen moest daar zelfkritiek leveren op onjuiste gedachten en
zich onderwerpen aan de kritiek van anderen. Dit soort bijeenkomsten waren
een machtig instrument van de communisten. De mensen hadden geen vrije tijd
meer en geen privéleven.
Totalitaire regimes
staan vijandig tegenover het individualisme - het denkbeeld dat de beste
gemeenschap er een is van individuen die de ruimte krijgen zich te
ontplooien en hun eigen geluk na te jagen. En daarmee keert het zich tegen
wat sinds de Renaissance de filosofische grondslag van de Europese
beschaving is geweest. |