header orakel worldwidebase

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Transport

 

Terug naar evolutie in de wetenschap >>

 




 

 

 

 

 


 

Zodra het mogelijk werd met machines de spierkracht van mens en dier te verveelvoudigen, brak het tijdperk van de IndustriŽle Revolutie aan. Eerst was het waterkracht, later stoom, waarmee molens en fabrieken werden aangedreven en waardoor het leven veranderde. In Engeland gebeurde dat al aan het einde van de 18de eeuw. Matthew Boulton (1728-1809), de industrieel wiens samenwerking met de ingenieur James Watt resulteerde in de eerste stoommachine, zei tegen koning George III : Hoogheid, ik verkoop wat de wereld wild : kracht.
Evenals de aandrijvingsmotoren die later zouden volgen, zet de stoommachine warmte om in arbeid volgens de wetten van de thermodynamica. Maar de uitvinders van de stoommachine wisten nog niets van thermodynamica - of, om precies te zijn, 'atmosferische machines', want het was onder meer atmosferische druk die de zuiger aandreef - werden gebruikt om water uit de mijnschachten te pompen. Watt was de eerste die machines gebruikte om een draaiende beweging op te wekken; zijn draaiende machine uit 1783 maakte de ontwikkeling van het fabriekssysteem in Engeland mogelijk.
De gevolgen waren groot. Binnen dertig jaar werkten er in Engeland meer mensen in de handel, fabrieken en ambachten dan op het land. Steden groeiden explosief : Manchester telde in 1772 zo'n 25.000 inwoners, in 1821 al 181.000 en in 1851 waren het er liefst 455.000. De trein deed zijn intrede in de jaren 1820 en in 1838 vond de eerste Atlantische oversteek per stoomboot plaats. Binnen een halve eeuw na het patent van Watt schreef de Franse wetenschapper Sadi Carnot (1796-1832), ontdekker van de wetten van de thermodynamica : Engeland van haar stoommachines beroven zou gelijk staan aan het haar onthouden van steenkool en ijzer ... haar voorspoed zou geruÔneerd worden en haar krachten teniet gedaan.
Maar stoom was niet zaligmakend. Het stoomaangedreven wegtransport had maar weinig succes. Er was een lichtere vorm van aandrijving nodig, en deze zou worden geÔntroduceerd met de verbrandingsmotor, waar verbranding niet onder een stoomketel plaatsvindt maar in cilinders. In 1859 ontwikkelde de Franse ingenieur Etienne Lenoir (1822-1900) een vaste viertaktgasmotor - in Duitsland door Nikolaus Otto verbeterd - waarin brandstof wordt samengeperst voordat deze ontbrandt. In 1900 waren er al meer dan 200.000 ottomotors verkocht.
 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009