header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Tsjaad

 

Terug naar overzicht Afrika >>

 

 

 

Tsjaad of Tchad (officieel: République du Tchad [Fr.]; Jumhurìyat Tashad [Arab.]), republiek in Midden-Afrika, 1.284.000 km2, met (schatting 1994) 6.350.000 inw. (4,9 inw. per km2); hoofdstad: N'djaména. Munteenheid is de CFA-franc, onderverdeeld in 100 centimes. Nationale feestdagen zijn 11 augustus, Onafhankelijkheidsdag, en 13 april.
 

1. Fysische geografie
PictureTsjaad ligt vnl. in het Tsjaadbekken. De hoogte loopt geleidelijk op van ca. 250 m in het zuidwesten tot ruim 3000 m in het Tibestigebergte (Emi Koussi, 3415 m hoog) en het Ennediplateau (tot 1450 m) in het oosten. In het zuiden heeft Tsjaad deel aan de Equatoriaalafrikaanse regenwouden, in noordelijke richting overgaand in savannebossen en savannen; de regenval is hier jaarlijks 600 tot ruim 1200 mm. De savannen worden naar het noorden toe steeds droger en ten slotte resteert nog slechts een vegetatie van doornachtige planten. In de noordelijke woestijngebieden bedraagt de regenval niet meer dan 50 tot 200 mm. In toenemende mate doet zich grote droogte voor. De talrijke meren zijn merendeels afvoerloos; evenals de vele riviertjes liggen ze grote delen van het jaar droog. De belangrijkste rivier is de ca. 800 km lange en naar het Tsjaadmeer stromende Tsjari met vele zijrivieren (w.o. de Logone).
De dierenwereld is vnl. die van de woestijn, halfwoestijn en savanne. Afrikaanse olifant (zeldzaam), giraffe, buffel, talrijke antilopen, wrattenzwijn, leeuw en panter zijn de voornaamste savanne-elementen onder het grote wild; de puntlipneushoorn is al zeer zeldzaam geworden, zo niet geheel uitgeroeid. De woestijn en de halfwoestijn werden bevolkt door talrijke gazellen, addaxantilope en algazel; ze zijn alle overbejaagd en de laatste twee zijn vrijwel uitgeroeid. Ook de bestaande reservaten bieden deze geen bescherming, aangezien de beschermde gebieden in de savannezone liggen. Addax en algazel behoren tot de meest bedreigde antilopen van Afrika. De vogelwereld is typisch die van de Afrikaanse savanne; aan reptielen komt o.a. de Nijlkrokodil hier en daar nog vrij algemeen voor. Het Tsjaadmeer heeft een interessante eigen fauna.

Peter CasaerPeter CasaerPeter CasaerPeter CasaerPeter Casaer

2. Bevolking
De naar samenstelling heterogene bevolking is vnl. in de akkerbouwgebieden van het zuiden geconcentreerd. De belangrijkste bevolkingsgroep zijn hier de Sara (30% van de bevolking) en de Hausa en verwante Hamitische groepen (Tsjado-Hamieten) in het zuidwesten (ruim 40%). In het noorden wonen de Tibboe, de Kanuri en de Toeareg (tezamen 10%). De natuurlijke bevolkingsaanwas bedroeg in de periode 1985-1993 2, 3% per jaar. De grootste steden zijn N'djamena (687.800 inw. in 1992), Sahr (198!000), Moundou (285.000) en Abéché (188.000). 21% van de bevolking woont in de steden. Frans en Arabisch zijn de officiële talen: ze worden door minder dan 10% van de bevolking gesproken. De verschillende bevolkingsgroepen gebruiken een honderdtal verschillende Afrikaanse en ook Arabische talen en dialecten. In het noorden is de bevolking islamitisch (55-60%), in het zuiden animistisch (ca. 15%) of christelijk (25-30%).

3. Bestuur en samenleving
Volgens de grondwet van 1996 is Tsjaad een republiek met een president die voor zeven jaar gekozen wordt. Er is sinds de staatsgreep van 1990 een overgangsparlement met 57 leden. De Mouvement patriotique du salut (MPS) van Idriss Déby was tot 1992 de enig toegestane politieke partij in het land. In maart 1992 werd een aantal oppositiepartijen gelegaliseerd.
Tsjaad is administratief ingedeeld in 14 gewesten en 53 districten. In het rechtswezen bestaan Frans gecodificeerd recht en gewoonterecht naast elkaar. Het Hooggerechtshof werd in 1975 opgeheven. N'djamena heeft een Hof van Appel. De vier grote steden, Sahr, Moundou, Abéché en Koumra, hebben gerechtshoven. Tsjaad is lid van o.m. de Verenigde Naties en de Organisatie van Afrikaanse Eenheid en is geassocieerd met de EU.

4. Economie
Tsjaad is een van de armste en minst ontwikkelde landen van de wereld. Het inkomen per hoofd van de bevolking was in 1994 US $ 190. Het klimaat, de geografische ligging, de geringe bodemschatten en de burgeroorlog belemmeren de economische ontwikkeling. In de landbouw, de belangrijkste sector in de economie, is ruim 71% van de beroepsbevolking werkzaam. Slechts 10% van het land is geschikt om bebouwd te worden. Katoen is het belangrijkste exportproduct. Alle katoen wordt verwerkt en verkocht door de Société Cotonnière du Tchad. Belangrijkste voedingsgewassen zijn gierst, grondnoten en sorghum. Voorts wordt tabak, suikerriet en rijst verbouwd. De veehouderij levert een bijdrage van ca. 13% aan het Bruto Nationaal Product (bnp). De veestapel heeft enorm te lijden gehad van de langdurige droogte in het midden van de jaren zeventig en begin jaren tachtig, maar herstelde zich weer tegen het einde van de jaren tachtig.
Op het Tsjaadmeer en de rivieren Logone en Tsjari wordt gevist. De bosbouw is van geringe betekenis, alleen in het uiterste zuiden zijn wat bossen. Er worden kleine hoeveelheden Arabische gom uitgevoerd. Aan delfstoffen is het land niet bijzonder rijk. Natriumzout wordt gewonnen langs het Tsjaadmeer. In het Kanemgebied, ten noorden van dit meer, en bij Doba in het zuiden wordt aardolie gewonnen. In het noorden is uraan aangetroffen. De industriële sector behoort tot de minst ontwikkelde van alle landen in Centraal-Afrika. De belangrijkste industrie is de katoenverwerking. Verder zijn er een suikerraffinaderij, een brouwerij, rijstpellerijen en graanmaalderijen, slacht- en koelhuizen, een textielfabriek, een zeepfabriek, bouwbedrijven, een sigarettenfabriek en enkele steenfabrieken. De elektriciteit wordt opgewekt door aardoliegestookte centrales. De handelsbalans vertoont grote tekorten. Katoen en producten uit de katoenverwerkende industrie zijn de belangrijkste exportproducten, daarna vlees en vee. Naast de geregistreerde export is er veel smokkel van vee, m.n. naar Nigeria. Ingevoerd worden o.a. aardolie, aardolieproducten, voedingsmiddelen, machines, vervoermiddelen, geneesmiddelen, ijzer, staal en cement. De belangrijkste handelspartners zijn de EG, m.n. Frankrijk, en Nigeria. In het ontwikkelingsplan van 1986-1988 lag het accent op de ontwikkeling van de voedselproductie en basisgoederen teneinde daarin zelfvoorzienend te worden. Tsjaad krijgt vooral bilaterale hulp van Frankrijk en multilaterale hulp van de EG en verder van de Verenigde Naties en de IDA. Tsjaad behoort tot de Afrikaanse franczone. Het land heeft samen met Kameroen, Kongo, Equatoriaal Guinee, Gabon en de Centraal-Afrikaanse Republiek één centrale bank, de Banque des États de l'Afrique Centrale, met hoofdkantoor in Yaoundé (Kameroen). Daarnaast is er een viertal andere banken, waarin de staat een groot aandeel heeft.
De infrastructuur is gebrekkig. Het wegennet is ca. 25.000 km lang, waarvan 7300 km alleen begaanbaar is in het droge seizoen; de meeste geasfalteerde wegen zijn tijdens de burgeroorlog verwoest. In het noorden zijn alleen karavaanroutes. Er zijn geen spoorwegen. Binnenscheepvaart is alleen mogelijk tijdens het regenseizoen op de Logone en de Tsjari. Air Tchad is de nationale luchtvaartmaatschappij. N'djamena heeft een internationale luchthaven.

5. Geschiedenis
De in het Tibestigebergte woonachtige Toeboe stichtten tegen de 8ste eeuw, na al het land tot aan het Tsjaadmeer veroverd te hebben, het koninkrijk Kanem. De in de Tsjaridelta levende volken verdreven uiteindelijk de koningen van Kanem, die naar Bornu uitweken.
5.1 Arabische overheersing
De belangrijkste politieke macht tussen de 11de en 19de eeuw vormden de Arabieren. Arabische nomadenstammen trokken in deze tijd in groten getale richting Tsjaadmeer. Zij vermengden zich met de bevolking ter plaatse en beheersten en islamiseerden staten als Kanem en Bornu. Hun hoofddoel was echter de slavenhandel. In de 19de eeuw, voor het eerst in 1823/1824, werd het Tsjaadmeer geëxploreerd door Europese reizigers. Sedert 1879 wist een machtig man uit Soedan, Rabah, grote delen van het huidige Tsjaad te onderwerpen. Op 22 april 1900 werd Rabah bij Kousseri door de Fransen verslagen. De volledige pacificatie van het gebied verliep moeizaam (ca. 1915 voltooid) door de hardnekkige tegenstand van de nomadenstammen en het in Oost-Tsjaad gelegen koninkrijk Ouaddaï.
5.2 Franse overheersing
Tsjaad was achtereenvolgens een militair territorium, een onderdeel van de kolonie Oubangui-Chari-Tchad (na 1906) - waardoor het gebied in 1910 deel ging uitmaken van Frans-Equatoriaal Afrika - en een afzonderlijke kolonie binnen Frans-Equatoriaal Afrika (na 1922). In 1930 werd Tibesti bij Tsjaad gevoegd.
In de Tweede Wereldoorlog koos Tsjaad onder leiding van gouverneur Eboué als eerste kolonie de zijde van de Vrije Fransen (aug. 1940). In 1946 ontstond de Parti Progressiste Tchadien (PPT) onder leiding van G. Lisette. De partij behaalde in 1957 bij de eerste verkiezingen een meerderheid in het parlement.
5.3 Onafhankelijkheid
Op 28 nov. 1958 kreeg het land zelfbestuur en op 11 aug. 1960 werd Tsjaad een onafhankelijke republiek. Fr. Tombalbaye, sedert juni 1959 premier en opvolger van Lisette als leider van de PPT, de enige politieke partij, werd president. Na het zelfstandig worden van het land bleef het noorden nog vijf jaar onder Frans militair bestuur. Het centrale gezag in de nieuwe republiek kwam in handen van de zuiderlingen (de Sara), die negride en christelijk zijn. Al spoedig kwamen de islamitische delen van het land, onder leiding van het in 1966 onder Abba Siddick gestichte nationale bevrijdingsfront FROLINAT, met als hoofdkwartier Tripoli, in opstand. In 1972 was volgens Tombalbaye een einde gekomen aan de rebellie in het land. FROLINAT bleef echter in grote delen van het land actief. In 1973 hief Tombalbaye de PTT op. Deze werd vervangen door de Culturele en Sociale Revolutionaire Nationale Beweging (MNRCS), die ten doel had: herstel van de economie op basis van onafhankelijkheid van buitenlandse invloed, volledige dekolonisatie en voorts tsjadisering van het land (zo werden alle Franse namen, waaronder die van de hoofdstad, door Afrikaanse vervangen). Inmiddels had Tsjaad evenwel, evenals de andere Sahellanden, zwaar te lijden van de droogte en begin 1974 werd weer Franse economische hulp geaccepteerd.
5.4 Staatsgreep door Tombalbaye
Op 13 april 1975 werd een staatsgreep uitgevoerd door het leger onder leiding van generaal Odingar; Tombalbaye kwam om het leven. De in 1973 als opperbevelhebber afgezette generaal Félix Malloum stelde een nieuwe voorlopige regering samen, bestaande uit militairen en burgers. In september eiste de regering dat alle nog in Tsjaad aanwezige Franse troepen zouden vertrekken; in oktober was dit vertrek voltooid. Inmiddels had de regering de steun van Hissène Habré weten te verwerven, een overgelopen opstandelingenleider uit het noorden. Hij werd in aug. 1978 tot premier benoemd. Hij weigerde echter zijn gewapende volgelingen in het nationale leger te laten opgaan en begin 1979 braken er gevechten uit en bezetten Habrés troepen delen van de hoofdstad. Dank zij bemiddeling van de buurlanden Niger, Libië, Soedan, Kameroen en Nigeria werd een akkoord bereikt over een staakt-het-vuren, waaraan ook het FROLINAT en enkele andere opstandelingenlegers zich gebonden achtten. Malloum en Habré traden af en werden vervangen door een Voorlopige Staatsraad onder leiding van Goukouni Oueddei, de militaire leider van een gemeenschappelijk front van kleine opstandelingenlegertjes. Deze raad maakte al spoedig plaats voor een voorlopige regering onder leiding van Mohammed Shawwa, waarin Oueddei en Habré zitting hadden.
5.5 Burgeroorlogen
In de zomer van 1979 braken felle gevechten tussen rivaliserende troepen uit. Eind 1979 werd een overgangsregering van nationale eenheid (GUNT) gevormd, waarin alle groeperingen zitting hadden en die onder leiding kwam van de tot president benoemde Oueddei. Begin 1980 braken echter al weer gevechten uit en wist Oueddei met behulp van Libische troepen zijn rivaal Habré te verslaan, maar twee jaar later was de zaak omgekeerd. Habré greep met behulp van de Amerikaanse inlichtingendienst CIA en Soedan de macht en voerde vervolgens een door Frankrijk gesteund bewind. In 1987 wist hij ook nog de noordelijke Aouzoustrook te veroveren op de troepen van de door Libië
gesteunde Oueddei. Habré regeerde met steeds hardere hand en martelingen en executies vonden op steeds grotere schaal plaats. Mede hierom liet Frankrijk hem vallen, waarmee het de weg baande voor de machtsovername door de voormalige bevelhebber van het Tsjadische regeringsleger, Idriss Déby, in nov. 1990. Habré werd weliswaar verdreven, maar hij bleef vanuit het westen de strijd voortzetten. Het democratiseringsproces, dat Déby bij zijn aantreden als president in dec. 1990 had beloofd in gang te zullen zetten, kwam de volgende jaren nauwelijks van de grond, niet in het minst door de vele gevechten, zowel met Habré in het westen als met het CSNPD in het zuiden.
In febr. 1992 werd de vice-voorzitter van de Liga voor Mensenrechten vermoord, waarschijnlijk door regering
Mr Idriss Déby - 14.1 kbssoldaten. Als reactie hierop braken massale stakingen uit en werd er op grote schaal gedemonstreerd. Vanaf febr. voerden soldaten plunderingen uit in de hoofdstad N'djamena als gevolg van betalingsachterstanden van soldij. Ook in 1993 en 1994 vielen er weer honderden doden bij gevechten tussen het leger en rebellerende milities. In april 1993 verklaarde premier Moungar dat de beschuldigingen van massamoord aan het adres van het leger ongegrond waren.
In een constitutioneel referendum in maart 1996 stemde bijna twee derde van de kiezers voor de nieuwe Grondwet. Om het referendum en de presidentsverkiezingen mogelijk te maken, was begin maart een staakt-het-vuren overeengekomen met dertien oppositiegroepen. Aan de presidentsverkiezingen, die met ruim verschil werden gewonnen door de zittende president Déby - foto, namen voor het eerst in de geschiedenis van Tsjaad meer partijen deel. Zowel de oppositie als enkele onafhankelijke waarnemers waren echter van mening dat er fraude was gepleegd. Tot premier werd Koibla benoemd, die een regering op brede basis samenstelde.

Telefoongids Tsjaad
Postcodes Tsjaad

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009