Gryllus
campestris - familie Krekels/Gryllidae. Dit
bruinzwart, compact aandoende insect wordt een 26 mm. lang.
Achtervleugels zijn meestal gereduceerd. Deze krekel kan daardoor
niet vliegen. Slechts tien mm. lang is de boskrekel.
Verspreiding : wijdverspreid over Europa, maar op vele plaatsen
bedreigd door intensieve landbouw. Zonnige, niet te dicht begroeide
graslanden, het liefst op naar het zuiden gerichte hellingen. De
imago's vindt men van mei tot juli. Ze leven in zelf gegraven,
dertig tot veertig cm. diepe kokers in de grond. De mannetjes hebben
een klein territorium, dat ze tegen indringers verdedigen. Aan de
ingang van hun koker produceren ze hun geluid door de opgeheven
voorvleugels tegen elkaar te wrijven. Wanneer een wijfje nadert,
vangt een zachter baltsgeluid aan. bij de paring beklimt het wijfje
het mannetje. De eitjes worden met de legboor in de grond gebracht.
Het voedsel is deel plantaardig, deels dierlijk. De larven komen na
twee tot drie weken uit en overwinteren na ongeveer zeven
vervellingen in zelf gegraven gangen.