algemeen >>
structuur en vruchtbaarheid
>>
diversiteit van planten en dieren >>
bewoners van het regenwoud >>
het belang van tropische regenwouden >>
belang van de inheemse bevolking >>
de toekomst van de tropische regenwouden
>>
onderzoek naar een verantwoorde houtwinning
>>
onderzoek naar het economisch gebruik van
medicinale planten >>
de toekomst van de bewoners >>
verklaring van enkele termen
>>
|
Onderzoek
naar de tropische regenwouden is noodzakelijk om beter te kunnen
streven naar het behoud ervan. Zonder voldoende kennis kunnen
geen gerichte matregelen tot stand komen die de tropische
regenwouden op de lange duur kunnen redden. Deze kennis is er
helaas nog nauwelijks.
Onderzoek van het tropisch regenwoud is weliswaar reeds veel
gedaan maar wanneer men bedenkt dat pas 5% van de samenstellende
elementen van het regenwoud bekend is en dat nog veel minder
bekend is van de onderlinge relaties tussen samenstellende
elementen. Dan moet er nog veel meer onderzoek volgen.
Tegen de achtergrond van het Regeringsstandpunt Tropisch
Regenwoud (RTR) verschijnen er steeds meer onderzoeken die
gericht zijn op de houtproductie en het behoud van de tropische
regenwouden. Sommige van deze onderzoeken laten zien dat het
mogelijk is de tropische regenwouden zodanig te exploiteren zijn
dat er geen aantasting volgt.
Duurzame productie van hout kan bijdragen tot het behoud van
tropische regenwouden. Door deze vorm van landgebruik blijven
ecologisch belangrijke eigenschappen van het bos behouden en
profiteert het land van de inkomsten en werkgelegenheid." Aldus
fysisch geograaf Leo Brouwer(1996). In de regenwouden van Guyana
onderzocht hij de kringloop van voedingsstoffen en de effecten
van houtkap hierop. Op 1 november 1996 promoveerde Brouwer bij
de faculteit Ruimtelijke Wetenschappen van de Universiteit
Utrecht.
Brouwer onderzocht of en hoe het mogelijk is om bomen te kappen
zonder de voedingsstoffenkringloop onomkeerbaar te verstoren.
Uit zijn onderzoek blijkt dat het mogelijk is deze verstoring te
beperken. Brouwer: "Er moeten niet te veel bomen op een plaats
worden gekapt; er mag hooguit een opening van ongeveer 500 m2 in
het kroondak ontstaan. Dat wil zeggen dat er niet meer dan twee
tot vier bomen naast elkaar gekapt mogen worden. Wortels van
naburige, levende bomen kunnen dan de voedingsstoffen opnemen
die vrijkomen door vertering van bladeren en dergelijke."
Volgens Brouwer is het verder van belang de verstoring van de
bodem door zware machines zoveel mogelijk te vermijden. "Nu
rijden deze machines -je kunt ze vergelijken met pantserwagens-
kriskras door het bos waardoor de kwetsbare toplaag van de
bodem, waarin het grootste deel van de wortels zit, wordt
beschadigd. Het zou veel beter zijn om zo'n machine het bos in
te rijden, stil te zetten en dan met een lier de stammen eruit
te slepen. Met een lier kun je zeker 30 meter ver reiken."
Brouwer: "Veel mensen denken dat tropenbossen die op zulke
extreem arme bodems groeien zo kwetsbaar zijn dat je er helemaal
niets mee kunt doen. Ik heb laten zien dat duurzame exploitatie
van deze bossen wel degelijk mogelijk is, maar wel onder strikte
voorwaarden. Dan kan exploitatie zelfs bijdragen tot het behoud
van het bos, want als het iets oplevert, beschouwen mensen het
bos eerder als waardevol.
Dit onderzoek is dus geen excuus om flink te gaan kappen. Er zal
genoegen genomen moeten worden met een relatief geringe
houtopbrengst van bijvoorbeeld 30 m3 hout (8 à 10 bomen) per
hectare, eens in de 30 jaar. Voor een rendabel bedrijf zijn dan
een strak management en goede houtprijzen noodzakelijk. Vanuit
de bosbouwkundige dienst van de overheid moet er een goede
controle zijn om erop toe te zien dat de regels worden
nageleefd. Helaas ontbreekt het daar nogal eens aan."
Duurzame exploitatie zou volgens Brouwer ook gestimuleerd worden
als de overheid in Guyana concessies (kapvergunningen) zou
uitgeven voor eeuwig, met een clausule tegen wanbeheer. Nu
gelden de concessies slechts voor enkele tientallen jaren en
soms nog korter.
|
|