|
|
|
Mohenjo-Daro (Indusvallei in Pakistan)
Eén
van de grootste steden van de beschaving in de Indusvallei,
Mohenjo-Daro, bloeide in het derde en het tweede millennium voor
Christus. De indusvallei was één van de gebieden die zich het
snelst ontwikkelden, toen boerennederzettingen uitgroeiden tot
stedelijke centra dankzij een efficiënt irrigatiesysteem voor de
landbouw. Mohenjo-Daro was gebouwd in een gridpatoorn, waarin
steegjes de gebouwen van tichelstenen met elkaar verbonden. Er
waren goede openbaren voorzieningen als waterputten, een
afwatering en openbare toiletten voor de naar schatting 40.000
inwoners. Er zijn uiteenlopende woningen gevonden, van
koopmanshuizen met ruime binnenplaatsen tot eenkamerwoningen,
waaruit geconcludeerd kan worden dat de stedelijke beschaving in
de Indusvallei vergelijkbaar is met die in Mesopotamië en het oude
Egypte. (foto : luchtfoto van Mohenjo-Daro)
Sanxingdui (provincie
Sichuan in China)
De
provincie Sichuan wordt al lang beschouwd als voor archeologen
interessant gebied. Recente opgravingen hebben bij Sanxingdui een
grote stad blootgelegd, die met de C14-methode op 2.800-1.000 voor
Christus is gedateerd. Hij lijkt het centrum van een oud rijk te
zijn geweest - door Chinese archeologen voorlopig Shu genoemd -
dat zich over een groot deel van Sichuan uitstrekte. Over de
cultuur is weinig bekend, want het rijk wordt niet vermeld in
geschriften uit de Sjang-periode of die van latere datum.
Waarschijnlijk was Sanxingdui een deel van een autonome staat,
maar had zijn eigen cultuur. Alle conclusies moeten daarom worden
gebaseerd op archeologische vondsten en hun rijkdom bewijst hoe
belangrijk Sanxingdui moet geweest zijn. (foto : gevonden bronzen
voorwerpen)
Akrotiri (Santorini in
Griekenland)
In het midden van het tweede millennium voor Christus kwam de
vulkaar op het Egeïsche eiland Thera (het huidige Santorini) tot
uitbarsting, waardoor de welvarende
Minoïsche
kuststad Akrotiri geheel onder een laag puimsteen van vier meter
werd bedolven. De opgravingen, die nog steeds doorgaan, hebben al
een gebied van 10.000 vierkante meter met straten en goedbewaarde
huizen met twee of drie verdiepingen blootgelegd (zie foto). Naar
schatting is deze oppervlakte minder dan de helft van de stad en
verder onderzoek moet uitwijzen of het om gewone gebouwen of luxe
verblijven gaat. Menselijke overblijfselen zijn niet gevonden -
kennelijk is de bevolking na een aardbeving maar vlak voor de
vulkaanuitbarsting gevlucht naar Kreta of één van de andere
Cycladen en heeft meegenomen wat men kon dragen. De smalle,
bochtige, geplaveide straten in de vindplaats lijken op die van
het nabijgelegen moderne Fira. De huizen op wooncomplexen stonden
los van elkaar en hadden een goedontwikkeld rioleringssysteem. Op
basis van de uiteenlopende vondsten, fraaie muurschilderingen en
bewaarde huizen hebben de archeologen zich een gedetailleerd beeld
kunnen vormen van het leven in Akrotiri in de Bronstijd. |