Hommels
zijn sterk behaarde, krachtig gebouwde echte bijen. Hun volken leven
meestal in een ondergronds nest. Ze zijn ook bij lage temperaturen
actief en kunnen daarom verder dan andere bijen doordringen in het
subarctisch gebied en in hoger gelegen streken. Met hun angel kunnen
ze steken, maar ze zijn niet agressief. Het wijfje van de
weidehommel wordt zo'n 16 tot 21 mm lang, het mannetje 11 tot 16 mm.
Het kleurenpatroon is kenmerkend : meestal een zwart middendeel met
vooraan geel en achteraan roodachtige tinten.
Verspreiding : verspreid in heel Europa in struwelen, tuinen, open
bossen, in de Alpen zelfs tot 2.500 meter hoogte. Jonge wijfjes
vliegen reeds vanaf maart. Ze bouwen een nest in holen in de grond,
in takkenbossen, vogelnesten, holle bomen enz. De kleinere werksters
vliegen vanaf juni tot september.