header bloemen planten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Zaaien in volle grond

 

Bloemen en planten overzicht >>

 
Heeft u uw favoriete zomerbloemen om de één of andere reden niet onder glas kunnen opkweken, dan kunt u ze altijd nog op een zaaibed in de tuin uitzaaien. Dat wil zeggen, als het tenminste niet gaat om planten zoals Ageratum, Begonia, Celosia (hanenkam), Heliotropium (heliotroop of zonnenwende) Pelargonium (tuingeranium), Ricinus (wonderboom) en Salvia splendens (vuursalie). Die soorten hebben namelijk tijdens de opkweek kaswarmte nodig !

Hoe gaat u te werk
Ongeveer veertien dagen voordat u gaat zaaien, begint u met de voorbereiding. U spit de grond om en werkt er meteen wat goed verteerde mest doorheen. In plaats daarvan kunt u ook na het spitten wat kunstmest over de grond uitstrooien; zo'n twintig tot dertig gram per vierkante meter. De hoeveelheid mest is sterk afhankelijk van de soort en de voedingstoestand van de bodem en van de soort plant die u wilt gaan kweken. Zo zal Salvia splendens (vuursalie) veel meer voedsel verlangen dan scheefbloem (Iberis umbellata).
Na het spitten laat u de grond rusten. Een dag voor het zaaien besproeit u de grond om het zaad vlot te laten kiemen. Op de dag waarop u het zaad aan de grond toevertrouwt, harkt u de kluiten fijn en maakt u de aarde goed vlak.

Zaaien
Bij breedwerpig zaaien wordt het zaad over de grond uitgestrooid, zodat het op willekeurige plaatsen terechtkomt. Om een zo goed mogelijke verdeling te krijgen, vermengt u het zaad met wat droog zand. Het uitgestrooide mengsel wordt heel ondiep ingeharkt. Er mogen geen hoopjes ontstaan ! De grond wordt vlak ingedrukt met de hulp van een plankje of met de vlakke hand.
Om de grond daarna vochtig te houden, dekt u het zaaibed af met plastic. Als de grond droog is geworden moet u voorzichtig gieten, zonder dat er plassen ontstaan.
Als u de grond te nat maakt, spoelt het zaad weg en komt het op hoopjes te liggen. Zodra het zaaisel opkomt wordt het plastic verwijderd.
Als u op rijtjes zaait, kunt u de jonge kiemplantjes later gemakkelijker onderscheiden van het onkruid, want dat groeit natuur ook. Een nadeel is, dat u de plantjes na enige tijd moet verplanten of uitdunnen. Strakke rijen plantjes vormen immers niet bepaald een mooi beplantingspatroon in de siertuin.
Bij het op rijtjes zaaien spant u een strakke lijn in de lengterichting van het zaaibed. Langs deze lijn wordt met de wijsvinger of met een stokje een heel ondiep geultje getrokken. Het zaad mag vooral niet te diep komen te liggen. De grootte van het zaad bepaalt hoe diep het in de grond komt te liggen. Zonnebloempitten legt u bijvoorbeeld dus dieper in de grond dan de fijne zaadjes van de Gypsophila of gipskruid.
Het zaad wordt met duim- en wijsvinger in het geultje gestrooid, dat daarna wordt dichtgemaakt. U markeert het zaairijtje door aan de uiteinden een stokje te zetten of een etiket met de naam van de plantjes.
Uitdunnen voorkomt dat de plantjes zo dicht bij elkaar komen te staan, dat ze elkaar in de groei belemmeren. Daartoe wordt een deel van het zaaisel uit de grond getrokken. De plantjes die het grootst zijn en er het gezondst uitzien laat u natuurlijk staan. De uitgedunde exemplaren kunt u eventueel elders uitplanten. Ze zullen daar wel wat later in bloei komen dan de planten die u hebt laten staan. Na het uitdunnen moet u het zaaibed begieten met een gieter met een fijne broes.

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009