header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Zimbabwe

 

Terug naar overzicht Afrika >>

 

 

Zimbabwe (officieel: Republic of Zimbabwe), tot 1980 RhodesiŽ geheten, republiek in het zuiden van Centraal-Afrika, 390.759 km2, met (schatting 1995) 11,48 miljoen inw. (29 inw. per km2); hoofdstad: Harare (het voormalige Salisbury). Munteenheid is de Zimbabwe-dollar (Z$), onderverdeeld in 100 cents. Nationale feestdag is 18 april, Onafhankelijkheidsdag.
 

Zimbabwe Safari - Victoria Falls
1. Fysische geografie
Zimbabwe - Hwange Game ReserveMen kan in Zimbabwe vier reliŽfzones onderscheiden: a. Ongeveer 20% van de oppervlakte van het land wordt ingenomen door het noordoost-zuidwest gerichte centrale plateau ( 'high veld', hoger dan 1200 m). Dit zacht golvende savannelandschap vertoont plaatselijk enkele vrij geÔsoleerde heuvels, o.a. de Matopo Hills (1600 m hoog). Door het midden loopt, over een afstand van ca. 500 km, de zgn. Great Dyke, die rijk is aan mineralen. b. Aan weerszijden van het centrale plateau liggen lagere zones ( 'middle veld', 900 tot 1200 m hoog), die overgaan in: c. zones die lager zijn dan 900 m ( 'low veld') en worden gevormd door de dalen van de Zambesi, de Limpopo en de Sabi. d. Aan de oostgrens vormt de verhoogde plateaurand een berglandschap met toppen hoger dan 2000 m (hoogste top: Inyangani, 2595 m).
De belangrijkste rivieren zijn de Zambesi (of Zambeze), in Zimbabwe grensrivier met Zambia, de Limpopo, in Zimbabwe grensrivier met de Republiek van Zuid-Afrika, en de Sabi, die, zuidwaarts, op een afstand van gemiddeld minder dan 100 km langs de oostgrens stroomt. In het noordwesten van het land vormt de Zambesi de Victoriawatervallen; oostwaarts daarvan heeft een stuwdam bij de plaats Kariba het Karibameer doen ontstaan, 275 km lang, tot 48 km breed. De benedenloop van de Zambesi is bevaarbaar; de Limpopo en de Sabi zijn niet bevaarbaar.
Het centrale plateau heeft een warm gematigd klimaat met zomerregens (november-maart). De lage randgebieden hebben een droog steppeklimaat. De gemiddelde temperatuur van het centrale plateau bedraagt 22 įC in oktober en 13 įC in juli, die van het Zambesidal 30 įC in oktober en 20 įC in juli. Op het plateau is met name in de winter de dagelijkse temperatuuramplitudo groot en er kan zelfs nachtvorst optreden. De bergruggen in het oosten krijgen de meeste regen (gemiddeld 1400 mm per jaar). Naar het westen en zuiden neemt de neerslag geleidelijk af (tot minder dan 400 mm per jaar) en wordt tevens wisselvalliger.
Zimbabwe - Mana Pools Canoe TrailDe dierenwereld is een overgang tussen die van Zuid- en Midden-Afrika; een aantal zuidelijke elementen bereikt hier de noordgrens (spiesbok, zuidelijke witte neushoorn, bruine hyena) en een aantal tropische elementen verschijnt hier voor het eerst (Lichtensteins hartenbeest, sitatoenga). De fauna is vnl. een fauna van de savanne (olifant, neushoorns, zebra, buffel, antilopen, wrattenzwijn, giraffe, leeuw, panter, jachtluipaard, enz.); oorspronkelijk bestond een belangrijk deel van het plateau uit savanne. Voor wat betreft paard- en sabelantilopen is Zimbabwe als een deel van het hoofdverspreidingsgebied te beschouwen. De subtropische bossen op de oostgrens herbergen een interessante dierenwereld, die ten dele puur Centraal-Afrikaans-tropisch van aard is (o.a. vlinders en slakken), maar waar tegelijkertijd zuidelijke elementen (waarvan sommige zelfs Gondwanalandverwantschap vertonen) hun noordgrens bereiken. De vogelwereld is zeer rijk (vooral ook aan roofvogels) en met een sterk tropische inslag, wat eigenlijk nog opvallender geldt voor de amfibieŽn en reptielen. De weinige permanente grote rivieren huisvesten slechts een beperkte zoetwaterfauna.
Een netwerk van zorgvuldig opgebouwde en beheerde nationale parken en natuurreservaten verschaft adequate bescherming aan flora en fauna; tot de belangrijkste behoren het zeer grote en buitengewoon wildrijke Hwange National Park (in het westen) en de beschermde gebieden rond de Victoriawatervallen, de zuidoever van het Karibastuwmeer en in de bergen aan de oostgrens. Buiten de reservaten is het wild wel gedecimeerd, maar nog geenszins uitgeroeid; pogingen tot het boeren met wild hebben internationaal de aandacht getrokken. Het zoŲlogisch onderzoek is altijd krachtig gestimuleerd vanuit de musea te Bulawayo, Harare en Umtali.

2. Bevolking
2.1 Samenstelling en spreiding
De zwarte bevolking (ca. 98%) behoort grotendeels tot twee Bantoetalige groepen, 17% tot de Ndebele (Matabele) en 77% tot de Shona (Mashona); daarnaast is er een aantal kleinere groepen zoals de Tonka, Sena, Hlengwe, Venda en Sotho. Er wonen verder ca. 100!000 blanken, vnl. van Europese afkomst, en ca. 10!000 Aziaten (vnl. afkomstig uit India) en kleurlingen. Het aantal blanken neemt gestaag af. Het dichtst bevolkt zijn de hooglanden. De blanken en de Aziaten wonen over het algemeen in de grote steden. De natuurlijke bevolkingsaanwas bedroeg in de periode 1985-1994: 3%. De grootste steden zijn: Harare (1,184 miljoen inw.), Bulawayo (620.900 inw.), Gwelo (124.700 inw.), Umtali (75.000 inw.), Kwe Kwe (75.000 inw.).
2.2 Taal
OfficiŽle taal is het Engels. Veel gebruikt worden het Ndebele en het Shona.
2.3 Religie
Het merendeel van de Afrikanen belijdt traditionele religies. Ca. 55% van de bevolking is christen. De blanke bevolking is voor het merendeel protestant (anglicaans, methodistisch of calvinistisch). Van de christelijke kerkgenootschappen heeft de Rooms-Katholieke Kerk de meeste aanhangers onder de Afrikaanse bevolking. In opkomst zijn de protestantse sekten uit de Verenigde Staten. Deze fundamentalisten combineren bekeringen met kleine ontwikkelingsprojecten. Zij verspreiden een uiterst rechtse ideologie. Er zijn kleine gemeenschappen van joden en islamieten. De Afrikaanse onafhankelijke kerken, zoals de African Apostolic Church of Johane Maranke, winnen aan leden.



3. Bestuur en samenleving
3.1 Staatsinrichting
Zimbabwe is een republiek met aan het hoofd een president, die voor een periode van zes jaar direct wordt gekozen. Het parlement, dat uit ťťn kamer met 150 leden bestaat, wordt eveneens voor zes jaar in directe verkiezingen gekozen. 120 leden zijn verkiesbaar, 10 zetels worden ingenomen door stamhoofden, acht door de acht gouverneurs en twaalf leden worden door de president aangewezen. De president is zowel staatshoofd als regeringsleider.
3.2 Politieke organisatie en vakbeweging
De belangrijkste politieke partij is de Zimbabwe African National Union - Patriotic Front (ZANU-PF) van Robert Mugave, een aanvankelijk radicale, revolutionair gezinde partij, die na de onafhankelijkheid echter een gematigd socialisme voorstaat en samenwerking met de blanke minderheid nastreeft. Het Patriottisch Front van Joshua Nkomo, een gematigde partij die als Zimbabwe African People's Union (ZAPU) onder het blanke minderheidsbewind (1965-1979) een leidende rol had in het verzet, maar na de eerste verkiezingen naar het tweede plan werd verwezen (zie ß 5), ging in 1987 op in de ZANU-PF. Uit de vroegere ZAPU is de Zimbabwe Unity Movement voortgekomen (ZUM). De ZUM is de belangrijkste oppositiepartij en heeft veel aanhang in het oosten van het land. De belangrijkste vakbondsorganisaties zijn ondergebracht in een overkoepelend orgaan, het Zimbabwe Congress of Trade Unions (ZCTU), dat vanaf het einde van de jaren tachtig uitgroeide tot de best georganiseerde oppositie tegen het regime van Mugabe.
3.3 Bestuur en lidmaatschap van internationale organisaties
Bestuurlijk is het land ingedeeld in acht provincies. Zimbabwe is lid van de Verenigde Naties en een aantal van zijn suborganisaties, van het Gemenebest van Naties, de Organisatie van Afrikaanse Eenheid (OAE), het SAdcc en is geassocieerd lid van de EU.

4. Economie
4.1 Algemeen
A Zimbabwean holding new temporary banknotesZimbabwe heeft een vrije markteconomie, waarin de overheid door middel van wetgeving en actieve deelname aan het economische proces een grote rol speelt. De economie van Zimbabwe kent, vergeleken met de economieŽn van de meeste Afrikaanse landen, een grote verscheidenheid en is hoog ontwikkeld. Het land beschikt over grote oppervlakten vruchtbaar land, goed geleide, op de export gerichte, moderne agrarische ondernemingen, delfstoffen die veel gevraagd zijn op de wereldmarkt, een goed ontwikkelde industriŽle sector en een moderne infrastructuur. Daarnaast is de inheemse landbouw, die vnl. bedreven wordt in onvruchtbare gebieden die onder het koloniaal bewind toegewezen werden aan de zwarte bevolking, slecht ontwikkeld. De levensstandaard in deze gebieden is laag en de werkloosheid groot. De economie dreef in de koloniale periode vnl. op de export van enkele land- en mijnbouwproducten. In vrij korte tijd ging de landbouwsector zich toeleggen op de verbouw van een veel grotere verscheidenheid aan producten, die nu voor een aanzienlijk deel ook in het land verder verwerkt worden. Ook werden veel delfstoffen in het land zelf verder bewerkt, waardoor de industriŽle sector zich in snel tempo uitbreidde en in betekenis toenam. Na 1974 kreeg de economie te maken met de teruglopende wereldeconomie; het groeicijfer daalde snel, de inflatie steeg en er kwamen problemen met de werkgelegenheid. In de jaren tachtig zette de daling door. Zimbabwe kampte met een meerjarige droogte en de prijzen op de wereldmarkt van belangrijke delfstoffen daalden. De hooggespannen verwachtingen van een snelle economische groei kwamen niet uit, hoewel Zimbabwe toch gemiddeld een jaarlijkse groei van 3% wist te realiseren. De schulden van het land namen toe. Om deviezen te sparen heeft de regering sinds 1986 de invoer sterk aan banden gelegd. In de periode 1990-1994 registreerde Zimbabwe een economische groei van 1,1%. In 1995 daalde deze groei weer. Het inkomen per hoofd van de bevolking bedroeg in 1994 $ 490.
4.2 Landbouw, veeteelt, visserij en bosbouw
Ongeveer 70% van de bevolking leeft van de landbouw. In 1994 bedroeg het aandeel van de landbouw in het bnp slechts 15%. Rond de 47% van Zimbabwes export bestaat uit landbouwproducten: vnl. tabak en katoen, voorts ook koffie, suiker, vlees en thee. MaÔs is het belangrijkste handelsgewas en voornamelijk voor binnenlandse consumptie bestemd. Zimbabwe is slechts bij tijd en wijle in staat zichzelf te voeden. De blanke boeren produceren 75% van de nationale oogst en dragen zorg voor 30% van de inkomsten aan buitenlandse valuta. Gebrek aan financiŽn maar ook aan politieke wil heeft de landhervorming sterk vertraagd.
De veehouderij wordt steeds belangrijker en legt zich vooral toe op het fokken van slachtvee. De droogte van 1991/1992 kostte eenderde van de veestapel het leven. Samen met Botswana is Zimbabwe het enige sub-Saharaland dat vlees naar de EU mag exporteren. De visserij wordt vnl. op traditionele wijze op de rivieren Zambesi, Limpopo en Sabi bedreven. De bosbouw levert materiaal voor huisbrand en voor de verwerking in de houtindustrie. 48,6% van het land is met bos bedekt, een percentage dat zienderogen slinkt door kaalslag.
4.3 Mijnbouw
Zimbabwe heeft een grote verscheidenheid aan delfstoffen, zoals goud, asbest, nikkel, koper, steenkool (30 miljard ton voorraad), chroom, tin, ijzererts, zilver en silicium (90% van de wereldvoorraad). De mijnbouw is vnl. in handen van Britse, Zuid-Afrikaanse en Amerikaanse concerns. De chroomertsvoorraden zijn de op ťťn na grootste ter wereld en bevinden zich in het gebied van Mashaba, Selukwe en Belingwe. Winning geschiedt in dagbouw. De steenkolenvoorraden, die ruim voldoende zijn voor de binnenlandse vraag, bevinden zich in Wankie in het noordwesten van het land. De belangrijkste ijzerertsvoorraden bevinden zich in de omgeving van Kwe Kwe in Midden-Zimbabwe. De verwerking van het gedolven erts vindt vnl. in Redcliff bij Kwe Kwe plaats. Asbest wordt vnl. in het zuiden van het land gewonnen. De gouddelving geschiedt vnl. in kleinere bedrijven. Belangrijk is de grote goudmijn bij Gatooma ten noorden van Kwe Kwe. Tinerts wordt gewonnen ten noordoosten van Wankie. 90% van de delfstoffen wordt geŽxporteerd. De mijnbouw is goed voor 7,2% van het bbp.
4.4 Energievoorziening
Belangrijk voor de energievoorziening is de waterkrachtcentrale in de Kariba, die samen met Zambia door middel van de Central African Power Corporation wordt geŽxploiteerd. Daarnaast wordt energie geleverd door verschillende warmtekrachtcentrales. In Hwange staat een grote kolengestookte elektriciteitscentrale. De enige aardolieraffinaderij van het land, in Mutare, werkt uitsluitend met geÔmporteerde aardolie. De raffinaderij is door een ruim 280 km lange pijpleiding verbonden met de havenstad Beira in Mozambique.
4.5 Industrie
De industriŽle sector heeft zich in snel tempo uitgebreid en gediversifieerd, zodat Zimbabwe begin jaren tachtig een van de sterkst geÔndustrialiseerde landen van Afrika was. De sector droeg in 1994 23% bij aan het Bruto Nationaal Product (bnp) en gaf aan 15% van de arbeidende bevolking werk. Belangrijke onderdelen van deze sector zijn de metaalverwerkende industrie, de levensmiddelen-, textiel-, tabak-, chemische en houtverwerkende industrie. De industriŽle centra zijn: Harare, Bulawayo, Kwe Kwe, Gwelo, Mutari en Gatooma.
4.6 Handel
Tot 1995 kende Zimbabwe een handelsoverschot. Belangrijkste exportgoederen zijn landbouwproducten (25%; daarvan 74% tabak en 17% katoen), mijnbouwproducten (25%; daarvan 50% goud en 34% nikkel) en halffabrikaten (28%). De belangrijkste uitvoerlanden zijn Groot-BrittanniŽ, Duitsland en Zuid-Afrika. Ingevoerd worden machines, transportmiddelen, halffabrikaten, chemische en aardolieproducten. Deze producten komen vnl. uit Zuid-Afrika, de Verenigde Staten, Groot-BrittanniŽ en Duitsland. De ruÔnes van Great-Zimbabwe, de talrijke nationale natuur- en wildparken, de aanwezigheid van een goed verkeersnet en uitstekende hotels en vakantiehuizen maken Zimbabwe tot een attractief vakantieland. Het toerisme is een steeds belangrijkere bron voor buitenlandse deviezen.
4.7 Bankwezen
Centrale bank is de Reserve Bank of Zimbabwe. Daarnaast is er een groot aantal handels- en kredietbanken, waarvan een niet onaanzienlijk deel in buitenlandse handen is. De overheid neemt deel in het kapitaal van de Commercial Bank of Zimbabwe.
4.8 Ontwikkelingssamenwerking
Sinds de onafhankelijkheid speelt Zimbabwe een belangrijke rol binnen de SADOC (Southern African Development Coordinating Conference). De SADOC wil Zimbabwes economische afhankelijkheid van Zuid-Afrika verminderen. Zimbabwe ontvangt van meer dan driehonderd NGO's (non-governmental organisation). Daarnaast ontvangt het hulp van het IMF, de Wereldbank en verschillende nationale overheden, waaronder Nederland.
4.9 Verkeer
Zimbabwe beschikt over een goed ontwikkeld wegennet (ca. 86.000 km, daarvan is 15% verhard). De spoorwegen, geŽxploiteerd door de National Railways of Zimbabwe, hebben een groot aandeel in het personen- en goederenvervoer. Het spoorwegnet (ca. 3400 km) sluit aan op de netten van Mozambique en de Republiek van Zuid-Afrika, waardoor de Mozambicaanse havens Beira, Maputo en Durban in de Republiek van Zuid-Afrika bereikbaar zijn. De nationale luchtvaartmaatschappij is Air Zimbabwe, die ook op Europa vliegt; Affretair is van betekenis voor het binnenlandse vrachtvervoer. Harare en Bulawayo hebben een internationale luchthaven.

5. Geschiedenis
5.1 Eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring
Ian SmithIn Zimbabwe, tot 1980 (Zuid-)RhodesiŽ, regeerde sinds april 1964 het blanke minderheidsbewind van Ian Smith - zie foto, leider van het Rhodesian Front (zie voor de geschiedenis vůůr 1965 RhodesiŽ). Na mislukte besprekingen met Groot-BrittanniŽ over de onafhankelijkheid van het gebied riep Smith op 11 nov. 1965 eenzijdig de onafhankelijkheid uit, de zgn. Unilateral Declaration of Independence (UDI). Groot-BrittanniŽ beantwoordde deze daad met economische sancties, in het bijzonder een olie-embargo. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties veroordeelde de onafhankelijkheidsverklaring en beval eveneens sancties aan. Het Rhodesische bewind werd door geen enkel land erkend. De Republiek van Zuid-Afrika, gebaat bij een handhaving van het blanke bewind in RhodesiŽ, werkte nauw met premier Smith samen en deed zoveel mogelijk om de gevolgen van de economische sancties te verzachten.
RhodesiŽ verliet op 22 dec. 1966 het Gemenebest. Bij een in juni 1969 gehouden referendum nam het blanke electoraat met overweldigende meerderheid een nieuwe grondwet aan, waardoor RhodesiŽ op 1 maart 1970 een republiek werd.
Het in 1971 in Groot-BrittanniŽ gevestigde conservatieve bewind van premier Heath sloot in dat jaar een ontwerp-akkoord met de regering-Smith, o.m. inhoudende een zodanige amendering van de grondwet, dat de zwarte meerderheid de kans niet zou worden ontnomen ooit een gelijk aantal zetels in het parlement te verkrijgen. Het ontwerp werd door het Rhodesische volk verworpen. Premier Smith erkende de uitslag niet, de Britse regering handhaafde hierop de sancties.
5.2 Conflict blanken met Afrikaanse meerderheid
Intussen was Smith steeds sterker in conflict geraakt met de Afrikaanse meerderheid. De in 1964 verboden nationalistische bewegingen ZAPU (Zimbabwe African People's Union) en ZANU (Zimbabwe African National Union), resp. onder leiding van Joshua Nkomo en N'dabaningi Sithole (beiden werden in dat jaar gevangen gezet), ondernamen vanaf 1967 infiltraties vanuit o.m. Tanzania. ZANU en ZAPU gingen vervolgens samenwerken onder een verenigd opperbevel en eind 1972 was sprake van een guerrilla in de grensgebieden met Zambia en Mozambique in het noorden en noordoosten van RhodesiŽ. In het najaar van 1974 kwam een tweede front in het noordwesten tot stand.
In 1974 was de politieke constellatie in Zuidelijk Afrika gewijzigd ten gunste van een zwarte meerderheidsregering: het nieuwe regime in Portugal had aan Mozambique, RhodesiŽs buurland waarvan het economisch in belangrijke mate afhankelijk was, onafhankelijkheid verleend. Bovendien verklaarde Zuid-Afrika zijn politietroepen uit RhodesiŽ te zullen terugtrekken.
5.3 Conflict met ANC
Behalve met ZANU en ZAPU kreeg de regering-Smith ook te maken met de in dec. 1971 opgerichte African National Council (ANC) onder voorzitterschap van de methodisten-bisschop Abel Muzorewa, die zich ten doel stelde de 'constitutionele verkrachting van de Afrikanen door de Britse en Rhodesische regering' tegen te gaan en aanstuurde op een constitutionele vergadering. De toenemende invloed van de ANC, alsmede de acties van ZANU-ZAPU, leidden ertoe dat Smith tot een akkoord trachtte te komen met de Afrikaanse meerderheid. Begin dec. 1974 werden de ZAPU-ZANU-leiders Nkomo en Sithole vrijgelaten. Tijdens een conferentie in de Zambiaanse hoofdstad Lusaka besloten ZAPU, ZANU en een derde bevrijdingsbeweging (FROLIZI) samen te gaan in de ANC. Op 11 dec. 1974 werd een wapenstilstand van kracht en kondigde Smith aan dat er een constitutionele conferentie zou worden gehouden. Als gevolg van meningsverschillen, zowel tussen Smith en de ANC als binnen de ANC (de aanhangers van de meer militante ZANU raakten verscheidene malen op bloedige wijze slaags met aanhangers van de ZAPU), kwam het constitutionele overleg pas laat op gang: eind aug. 1975 en leverde uiteindelijk geen resultaten op. Binnen de ANC kwam het in sept. 1975 tot een breuk. Een op aandrang van de Verenigde Staten in GenŤve in 1976 gehouden constitutionele conferentie, waar een door de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Kissinger, gelanceerd voorstel voor de instelling van een zwarte meerderheidsregering ter tafel lag, leverde al evenmin resultaat op. Met het oog op de toenaderingspogingen van Smith tot de zwarte leiders lieten zowel de Verenigde Staten als Groot-BrittanniŽ weten dat zij niet akkoord zouden gaan met de een of andere vorm van een interne regeling. Dit weerhield Smith er evenwel niet van deze weg verder te bewandelen. In maart 1978 werd een overeenkomst getekend door Smith, Muzorewa, Sithole en chief Jeremiah Chirau (van FROLIZI), die voorzag in een overgangsregering als voorbereiding op een zwart meerderheidsbewind. Voor de blanke minderheid waren aanzienlijke privileges ingeruimd. Er werd vrij snel na het akkoord een regering onder leiding van Smith geÔnstalleerd waarin ook de drie gematigde zwarte leiders waren opgenomen. De radicalere R. Mugabe, die Sithole als voorzitter van ZANU had afgezet, en Nkomo, samenwerkend in het Patriottisch Front, en de Verenigde Staten en Groot-BrittanniŽ wezen het akkoord af.
5.4 Guerrillastrijd
De guerrillastrijd, bedreven door de ZANLA (de strijdorganisatie van ZANU) en ZIPRA (de organisatie van ZAPU) vanuit de buurlanden, hield echter aan en in de gevechten met de Rhodesische troepen vielen veel slachtoffers en werd veel materiŽle schade aangericht. In jan. en maart 1979 werd een nieuwe grondwet per referendum goedgekeurd en in april werden verkiezingen gehouden, waarna een regering gevormd werd onder Muzorewa. Deze regering werd evenwel internationaal niet erkend. Een aantal van de frontlijnstaten (die zich verenigd hadden in hun verzet tegen het apartheidsregime in Zuid-Afrika) was inmiddels moe geworden van het aanhoudend oorlogsgeweld (dat zich deels ook op hun grondgebied afspeelde). Zij oefenden druk uit op het radicalere Patriottisch Front om tot een vergelijk te komen en de guerrilla-activiteiten te staken. Een belangrijke overweging was ook dat de conservatieve Britse regering overwoog om de regering van Muzorewa te erkennen en de boycot op te heffen. Nigeria, dat dreigde met nationalisatie van Britse zakenbelangen, wist de Britse regering van dit voornemen af te houden. Muzorewa schikte zich en in sept. 1979 begon in Londen de zgn. Lancasterhouse-conferentie, waaraan Nkomo, Mugabe, Muzorewa en de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Lord Carrington, deelnamen. Zij werden het uiteindelijk eens over een nieuwe grondwet, waarin de geprivilegieerde positie van de blanke minderheid aanzienlijk ingeperkt werd. Voor de duur van een overgangstijd, tot aan de installatie van een democratisch samengestelde regering, keerde RhodesiŽ weer terug tot de dominion-status (dwz. dat het land ook weer lid werd van het Gemenebest), waarbij Lord Soames als gouverneur-generaal vergaande bevoegdheden kreeg.
5.5 Verkiezingen en onafhankelijkheid
Chief Justice Godfrey Chidyausiku (left) and Robert MugabeDe verkiezingen werden verrassenderwijze glansrijk gewonnen door de ZANU van Mugabe - zie foto, die daarop in maart 1980 tot premier van een ZANU/ZAPU-PF-coalitie werd benoemd. In april 1980 werd de onafhankelijkheid uitgeroepen en werd Canaan Banana de eerste president van Zimbabwe, zoals het nu heette. Mugabe, die als radicaal gold, voerde een op verzoening gericht beleid, wat hem aanvankelijk in conflict bracht met de meer radicale vleugel uit zijn partij. Ook de ontmanteling van de guerrillastrijdkrachten leverde nogal wat moeilijkheden op. In 1982 werden Nkomo, minister van Binnenlandse Zaken, en enkele medestanders uit de regering gezet, waarna de spanningen, m.n. in Nkomo's geboorteland, Matabeleland, hoog opliepen. In de jaren daarop richtte de beruchte Vijfde Brigade van het regeringsleger verscheidene malen een bloedbad onder de bevolking van Matabeleland aan. Droogte en honger brachten vervolgens een catastrofe dichterbij. In dec. 1985 hervatten Mugabe en Nkomo hun gesprekken, die ten slotte in dec. 1987 tot een vereniging van ZANU en ZAPU in het nieuwe ZANU-PF leidden. Mugabe werd president (in 1990 herkozen), de voor de blanken gereserveerde parlementszetels werden afgeschaft en in april 1988 kwam een einde aan de burgeroorlog in Matabeleland. In 1990 werd de noodtoestand, die vanaf 1965 gold, opgeheven. Bovendien liet ZANU-PF het marxisme-leninisme als richtsnoer vallen en werd de ťťnpartijstaat niet in de grondwet opgenomen. In 1992 nam het parlement een landhervormingswet aan die 5,5 miljoen ha land, vnl. in handen van blanke boeren, moest teruggeven aan de zwarte bevolking. De wet stuitte op groot verzet van de blanke boeren, verenigd in de Commercial Farmer's Union. In mei 1993 maakte de regering bekend welke zeventig grote boerderijen (tezamen 190!000 ha) zij wilde kopen, zodat zij het land onder zwarte boeren kon verdelen.
In 1994 bleek echter dat de grote boerenbedrijven die de regering had aangekocht voor hervestiging van landloze zwarte boeren, verdeeld waren onder ministers, parlementariŽrs en hoge legerfunctionarissen. In reactie op het publieke protest dat daarop uitbrak, maakte president Mugabe in allerijl 70% van deze illegale transacties ongedaan. De gevolgen van het economische saneringsprogramma, waardoor het inkomen van de gemiddelde Zimbabweaan in de laatste vier jaar was gedaald en 25!000 mensen hun baan hadden verloren, werden de regeringspartij ZANU-PF zwaar aangerekend en kwamen naar buiten in talloze stakingen die het hele jaar door bedrijfstakken en overheidsdiensten lamlegden. Twee vooraanstaande politici kwamen in 1994 om bij onopgehelderde auto-ongelukken, waarbij onafhankelijke media spraken van politieke moorden.
Bij de algemene verkiezingen in april 1995 behaalde de regeringspartij ZANU-PF haar vierde achtereenvolgende verkiezingsoverwinning. ZANU bezette 118 van de 120 verkiesbare zetels. De overige 30 zetels in het parlement waren gereserveerd voor benoemde parlementsleden en traditionele leiders. President Mugabe, die in 1995 voor internationale opschudding had gezorgd door zijn uitspraak dat homoseksuelen geen rechten hebben, omdat zij zich als 'minder dan dieren' gedragen, werd in maart 1996 herkozen voor een nieuwe ambtstermijn van zes jaar.
Tevoren hadden de oppositiekandidaten zich teruggetrokken en minder dan eenderde van de kiezers was naar de stembus gekomen.
Na jarenlange onderhandelingen werd in 1995 met Zuid-Afrika een nieuw handelsverdrag gesloten. Het oude verdrag was in 1992 afgelopen, waarna Zuid-Afrika hoge tarieven hief op Zimbabweaanse textielproducten. De handel met NamibiŽ, Malawi en Zambia was intussen sterk toegenomen.

Telefoongids Zimbabwe
Postcodes Zimbabwe

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009