header landen en staten

Totaal bezoekers:
Totaal pagevieuws:
Online bezoekers:
 
 
 
   


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Zuid-Korea

 

Terug naar overzicht AziŽ >>

 


 

Korea, Zuid- (Kor.: Taehan minguk, = Republiek Korea), republiek in AziŽ, gelegen op het zuidelijk deel van het schiereiland Korea, 99.314 km2, met (schatting 1995) 44.563.000 inw. (449 inw. per km2); hoofdstad: Seoel. De munteenheid is de Zuid-Koreaanse won, onderverdeeld in 100 chon. De nationale feestdag is 15 augustus, nationale bevrijdingsdag (1945) en oprichting van Korea (1948).

Mountain Stream1. Bevolking
De bevolking bestaat vrijwel geheel uit Koreanen, die de Koreaanse taal spreken. Met een gemiddelde bevolkingsdichtheid van 450 inw. per km2 is Zuid-Korea na Bangladesh het dichtstbevolkte land ter wereld. Het geboortecijfer is, mede onder invloed van een geboortebeperkingsprogramma van de regering, gedaald van 27 per 1000 in 1975 tot 16 per 1000 in 1992. Het sterftecijfer daalde in deze periode van 9 per 1000 tot 6 per 1000. De groei van de totale bevolking nam af: 2,9% per jaar in 1961, 0,9% per jaar in 1992. In het begin van de jaren zestig begon een grote trek van het platteland naar de stad. In 1960 woonde 67% van de bevolking op het platteland, in 1992 nog slechts 25%. De twee grootste steden zijn Seoel (10,6 miljoen inw.) en Poesan (3,8 miljoen).
40% van de bevolking hangt het boeddhisme aan. Grote godsdienstige minderheden zijn de christenen (30%) en de confucianisten (25%). Kleinere religieuze bewegingen zijn de syncretistische Kondogio-sekte, met sterk nationalistische tendensen, en de uit Japan afkomstige Soka Gakkai-beweging.

2. Bestuur en samenleving
Aan het hoofd van de republiek staat een president. De grondwet van 1987 heeft de wetgevende macht van het parlement versterkt en de macht van het staatshoofd beperkt. De president wordt direct gekozen en heeft een ambtstermijn van 5 jaar zonder de mogelijkheid tot herverkiezing. De voorwaarden voor afkondiging van de noodtoestand zijn verankerd in de grondwet. Verder moet de benoeming van rechters door de president IMAGE:Kyongbok Palacedoor het parlement bekrachtigd worden. De constitutie vermeldt nadrukkelijk de vrijheid van vergadering, het habeas corpus recht, het stakingsrecht en het recht van organisatie van vrije vakbonden. Het parlement telt 299 leden (1997), van wie er 224 direct worden gekozen door de bevolking en 75 volgens evenredige verkiezing door de president worden aangewezen. De regerende Democratische Liberale Partij (DLP; in 1990 gevormd uit de Democratische Gerechtigheidspartij, de Democratische Partij voor Hereniging en de Nieuwe Democratische Republikeinse Partij) en de oppositionele Democratische Partij (DP; in 1991 ontstaan uit een fusie van de Nieuwe Democratische Partij en de Democratische Partij) zijn de grootste politieke partijen. Het land is verdeeld in 15 bestuurlijke eenheden: negen provincies en zes steden.
Aansluiting bij internationale organisaties: Zuid-Korea is (sinds 1991) lid van de Verenigde Naties en van de meeste suborganisaties van de VN, de APEC (Asia Pacific Economic Cooperation) en de Organisatie van Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).
De krijgsmacht omvat 629.000 militairen in actieve dienst. Daarnaast is er een reserveleger van 4, 5 miljoen man. De dienstplicht varieert van 30 tot 36 maanden. Het budget dat voor defensie wordt uitgetrokken bedroeg 30,4% van de totale overheidsbegroting. De Verenigde Staten hebben in Zuid-Korea 40.300 militairen gelegerd.
Het sociale-verzekeringsstelsel betreft slechts bepaalde categorieŽn en is beperkt. De sociale situatie is voor de vrouw relatief ongunstig. Ongeveer de helft van de volwassen Koreaanse vrouwen neemt deel aan het arbeidsproces; de lonen voor vrouwen liggen echter beduidend lager (tot 50%) dan voor de mannen.
De gezondheidszorg laat nog te wensen over. In 1988 was er ťťn arts voor elke 1090 inw.
Er bestaat grondwettelijke leerplicht. 21% van de nationale begroting wordt uitgetrokken voor het onderwijs. In 1988 profiteerden hiervan meer dan 10 miljoen leerlingen en studenten.

3. Economie
Na de staatsgreep van Park Chung Hee in 1961 werden door de regering economische meerjarenplannen opgesteld. De economie van het land ontwikkelde zich in Westerse, kapitalistische zin.
De landbouw is een belangrijke bron van werkgelegenheid; in 1994 werkte 14% van de beroepsbevolking in de landbouw, visserij en bosbouw. Toch vond er een aanzienlijke vermindering van de landbouwgrond plaats in de periode 1970-1985 ten behoeve van de ontwikkeling van de industrie en woningbouw. Rijst vormt 70% van de totale landbouwopbrengst, daarnaast worden o.a. koolsoorten, gerst, fruit, sojabonen en zoete aardappels verbouwd. Korea heeft, met zijn sterk gemechaniseerde landbouw en goede bevloeiingssysteem, de grootste rijstproductie ter wereld.
De veeteelt omvat ongeveer 20% van de landbouwproductie. Het melkveebestand verdubbelde nagenoeg in de periode 1981-1985 door import van melkkoeien uit AustraliŽ en Nieuw-Zeeland.
De visserij is van groot belang voor de exportindustrie en de eigen voedselvoorziening. Eind jaren tachtig heeft Korea zich tot een van de voornaamste visserijlanden ontwikkeld dankzij de opbouw van een zeer moderne visserijvloot. Ondanks deze gunstige ontwikkelingen in de landbouw en visserij kan het land niet in zijn eigen behoeften voorzien. In de jaren tachtig bleef de graanimport stijgen. Het zelfvoorzieningspercentage daalde in deze periode met 3, 3%, vooral door veranderende eetgewoontes. In 1995 maakte voedsel 4,4% uit van de totale import.
IMAGE:Panoramic view of SeoulNa 1970 kwam de nadruk te liggen op de zware industrie. De zeer sterke Zuid-Koreaanse economie wordt gekenmerkt door een uitermate flexibel productieapparaat. De voordelen hiervan bleken tijdens de eerste oliecrisis (1973) toen de export, ondanks Westers protectionisme, werd vergroot en gevarieerd. De afzetmarkten verbreedden zich, m.n. in het Midden-Oosten, Latijns-Amerika en Zuidoost-AziŽ. Binnenlands is er sprake van schaarste op de arbeidsmarkt, wat leidt tot sterke loonstijgingen. De hieruit voortvloeiende inflatie zorgt voor een verslechtering van de concurrentiepositie en voor een toenemende afhankelijkheid van buitenlands kapitaal. Hiernaast was er in 1979 een mondiale recessie (tweede oliecrisis) die weerslag had op de Zuid-Koreaanse economie. In de jaren tachtig werd de crisis bezworen door een verschuiving van een economie met overheidsinterventie naar een systeem met meer vrije-marktmechanismen en een aanzienlijke groei van de hightech- en automobielindustrie. Vanaf 1986 is er weer sprake van een snelle groei. Zo steeg in 1996 het bnp met 7%.
Van de bodemschatten zijn alleen kolen, wolfraamerts, zinkerts en looderts van enige betekenis. Aardolie, ijzer- en kopererts zijn van te geringe omvang om te exploiteren. Aan kolen wordt jaarlijks ca. 15 miljoen ton gedolven.
De belangrijkste industrieproducten zijn staal, elektronica, speelgoed, schoeisel en petrochemische producten. De Zuid-Koreaanse scheepsbouw is zeer sterk ontwikkeld en is tweede (na Japan) op de wereldranglijst van scheepsbouwende landen. Door de algemene daling van de scheepsbouw op de wereldmarkt in de tweede helft van de jaren tachtig daalden de inkomsten uit de export van schepen sterk. Ten slotte is de bouwsector sterk in opkomst.
Een groot deel van de benodigde energie moet worden geÔmporteerd. In 1991 maakte geÔmporteerde aardolie 57% uit van het totale energieverbruik. Het energieverbruik in zijn geheel daalde in de jaren tachtig door energiebesparende maatregelen.
De persvrijheid is van 1972 tot 1987 beperkt geweest. In de nieuwe grondwet is persvrijheid echter nadrukkelijk vastgelegd. Er verschijnen drieŽntwintig landelijke dagbladen, waarvan Hanguk ilbo, ChosŰn ilbo en Tong-a ilbo de grootste zijn. Er zijn ruim twintig radiostations. Van de drie televisiestations is er ťťn in handen van de staat, de andere zijn in particuliere handen.
Het bankwezen wordt gedomineerd door de Bank of Korea en telt naast 12 grote interregionale banken en 11 gespecialiseerde banken liefst 44 buitenlandse bankfilialen.
De buitenlandse handel is tussen 1979 en 1997 sterk toegenomen. De enorme stijging van de export van $ 15, 5 miljard in 1979 tot $ 125 miljard in 1995 heeft echter niet voor een positieve handelsbalans kunnen zorgen. De belangrijkste handelspartners zijn de Verenigde Staten en Japan, zowel voor im- als export.
De spoorwegen (lengte van het net ca. 6460 km) worden door de staat geŽxploiteerd. Het wegennet is bijna 52.264 km lang; vierbaans autowegen verbinden Seoel met Poesan en met Inchon. Met 16.000 km kust telt Zuid-Korea 1870 havens; Poesan, Inchon, Ulsan, Mokpo en Pohang zijn de belangrijkste havensteden. De privť-onderneming Korean Air Lines onderhoudt luchtverbindingen met verschillende landen in AziŽ (incl. Midden-Oosten), de Verenigde Staten en Europa. Het toerisme (vnl. uit de Verenigde Staten en Japan) neemt gestadig toe (in 1993 bezochten 3,33 miljoen mensen Zuid-Korea).

4. Geschiedenis
Het regime van Syngman Rhee kwam voor het eerst tot stand in 1948 door middel van vrije verkiezingen. Toch kon mede door de harde wijze waarop het tegen de oppositie optrad niet gesproken worden van een democratisch bewind. Toen Rhee, vertegenwoordiger van de Liberale Partij, in maart 1960 voor de vierde maal de presidentsverkiezingen had gewonnen, braken, uit ontevredenheid over de duidelijke knoeierijen met de stembusresultaten, de maand daarop overal in het land onlusten uit, die ten slotte tot gevolg hadden dat Rhee aftrad. Op 29 juli 1960 vonden de eerste werkelijk vrije verkiezingen plaats, waarbij de (toenmalige) Democratische Partij als winnaar te voorschijn trad. Op 12 aug. 1960 werd Jun Posun tot president gekozen, vijf dagen later werd Mien Chang (John M. Chang) premier.
Gezien de inefficiŽntie van het Chang-regime, de voortdurende onrust in het land en de ten hemel schreiende economische toestanden, werd in april 1961 een nieuwe revolutie verwacht. In plaats daarvan werd op 16 mei 1961 een militaire staatsgreep uitgevoerd. De man achter deze staatsgreep was generaal-majoor Park Chung Hee (Pak ChŰngýi), die op 3 juli 1961 premier werd. In 1963 en 1967 werd Park tot president gekozen. Gedurende de zomer en in de vroege herfst van 1969 werden felle betogingen, vooral van de zijde van de studenten, gehouden tegen zijn voornemen een grondwetswijziging aan te brengen die het hem mogelijk zou maken in 1971 voor de derde maal president te worden.
Op 17 okt. 1969 sprak het volk zich bij een referendum met tweederde meerderheid vůůr deze wijziging uit. In 1971 werd Park na grootscheepse fraude met 51% van de stemmen herkozen als president. Zijn tegenstander Kim Dae Jung kreeg 45%. In 1972 werd de Yushin-grondwet bij referendum aanvaard. De president kreeg nu nog grotere macht ten koste van het parlement. Toch bleef het verzet tegen het bewind van Park sterk, zowel in Zuid-Korea als onder de Zuid-Koreaanse ballingen in Japan. In 1973 werd Kim Dae Jung door de Zuid-Koreaanse geheime dienst uit Tokio, waar hij als balling verbleef, ontvoerd. Hierdoor verslechterden de diplomatieke betrekkingen tussen Zuid-Korea en Japan.
Ondanks de onderdrukkende maatregelen kwam de oppositionele Nieuwe Democratische Partij in de tweede helft van 1975 weer tot leven. In 1978 werd Park voor een termijn van zes jaar herkozen tot president. In de loop van 1979 werd de Nieuwe Democratische Partij, die bij verkiezingen eind 1978 de partij van president Park had verslagen, steeds actiever. Het verzet tegen de Yushin-grondwet nam toe. Temidden van de feller wordende confrontaties tussen oppositie en regering werd op 26 okt. 1979 president Park door leden van de Koreaanse geheime dienst vermoord. Kort nadat waarnemend president Ch'oi Kyuha op 6 dec. 1979 door de Nationale Conferentie voor Hereniging tot president was gekozen, zette een aantal jonge officieren de oudere legertop aan de kant om de politiek van de overleden president Park voort te zetten.
Na de vele demonstraties tegen de grondwet en de onderdrukking, die uitmondden in een volksopstand in de stad Kwangju, wist de legertop onder leiding van Chun Doo Hwan (ChŰn Tuhwan), hoofd van de militaire veiligheidsdienst, in mei 1980 de macht te grijpen. In de zomer van 1980 werden meer dan 18!000 mensen gevangen genomen en ruim 9000 mensen uit overheidsfuncties ontslagen. In aug. 1980 werd Chun Doo Hwan door het parlement tot president gekozen. In okt. 1980 werd per referendum een nieuwe grondwet aangenomen.
Oppositieleider Kim Dae Jung werd in okt. 1980 ter dood veroordeeld, maar kreeg in 1981, na veel internationale protesten, eerst levenslang, later huisarrest en werd ten slotte in 1985 vrijgelaten. In 1981 werd de organisatie van de Olympische Spelen 1988 toegewezen aan de Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoel, een gebeurtenis die verstrekkende gevolgen had voor de economie en de internationale betrekkingen (vooral met het toenmalige Oostblok) sterk verbeterde.
De verkiezingen van 1985 vormden het begin van een nieuwe roerige tijd in Zuid-Korea. Anti-regeringsdemonstraties van studenten volgden elkaar steeds sneller op. In 1986 begon de oppositie aan te dringen op een herziening van de grondwet en op directe presidentsverkiezingen. Op 31 aug. 1987 bereikten Roh Tae Woo en de oppositie overeenstemming over de nieuwe grondwet die uiteindelijk op 12 okt. door de Nationale Vergadering (het parlement) werd goedgekeurd. Directe presidentsverkiezingen vonden plaats in december.
Kim Dae-jungRoh Tae Woo won de verkiezingen. Bij zijn inauguratie in februari 1988 beloofde hij een verdere democratisering van Zuid-Korea. Om de Olympische Spelen tot een succes te maken werkte de oppositie samen met de regering. Het sportevenement werd streng beveiligd om eventuele Noord-Koreaanse terreurdaden te voorkomen en verliep vlekkeloos. Eind 1988 kwam de vroegere president Chun Doo Hwan in opspraak wegens fraude. De oppositie eiste een diepgaand onderzoek, maar Roh weigerde. Wel verving hij de voltallige partijtop en ontdeed hij zich van ministers die onder Chun hadden gediend.
De studentenonlusten bleven echter ook de volgende jaren aanhouden; ook nam de arbeidsonrust niet af, vnl. door de niet-aflatende stroom berichten van corruptieschandalen binnen de regering en de regeringspartijen. Op 18 dec. 1992 werd Kim Young Sam tot president gekozen. Hij is de eerste gekozen president van Zuid-Korea sinds decennia zonder militaire achtergrond. Kim Dae Jung - zie foto is sinds december 1997 de nieuwe en huidige president.

Telefoongids Zuid-Korea
Postcodes Zuid-Korea

 
   

Poolgebieden



uw eigen startpagina


© copyright WorldwideBase 2005-2009