| |
Zwaluwen
behoren tot de orde van de musachtigen. Zij komen over de gehele
aarde voor. In de koude gebieden zijn het trekvogels. Onze
zwaluwen trekken in de herfst bijvoorbeeld naar Afrika.
Zwaluwen zijn sierlijke vogels die zich vooral in de lucht
ophouden. Zelfs hun voedsel vangen ze in de vlucht. Ze eten
vliegen, kevers en soortgelijke insecten.
Door hun snelheid ontsnappen ze aan de meeste vijanden. Een
bepaalde valkensoort is echter nog sneller en kan ze wel vangen.
Zwaluwen leven graag in gezelschap en broeden ook in grote
kolonies. De meeste soorten bouwen ingewikkelde nesten. Sommige
gebruiken daarvoor klompjes leem die met speeksel aan elkaar
geplakt worden. Andere soorten graven met veel moeite nestgangen
in steile wanden. Daar bouwen ze het eigenlijke nest, dat ze
goed bekleden met veren. Zwaluwen broeden tweemaal per jaar. Elk
legsel bestaat uit 4-6 eieren.
Een bij ons zeer bekende zwaluw is de boerenzwaluw. Deze soort
leeft ook op plaatsen waar mensen wonen. Boerenzwaluwen bouwen
hun nest graag in huizen, bijvoorbeeld in oude boerderijen. Ze
maken met speeksel en klompjes leem een nest aan de muur. Jaar
na jaar worden deze nesten weer opgezocht en indien nodig weer
opgeknapt.
De boerenzwaluw is een trekvogel die 's nachts in grote groepen,
samen met andere zangvogels, naar het zuiden trekt.
Ook de huiszwaluw is een bekende zwaluwsoort. Deze soort is 14
cm lang en hij nestelt zich eveneens bij voorkeur in huizen. Het
nest van de huiszwaluw is echter, op een klein toegangsgaatje
na, compleet gesloten. De huiszwaluw nestelt ook in grote
kolonies. Hij heeft veel vijanden die het nest plunderen:
wezels, ratten en verschillende uilensoorten. |
|
|
|
|
|
|