Geschiedenis van vandaag

 


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Geschiedenis van
7 januari

 
   
  • Op 7 januari 1785 maakte Jean-Pierre Blanchard samen met dr. John Jeffries de eerste overtocht van Het Kanaal in een luchtballon. Onderweg moesten ze al hun ballast (bijna al hun kleren en losse voorwerpen, behalve de eerste luchtpostbrief) overboord gooien om hoogte te winnen. Na 2,5 uur vliegen bereikten ze Frankrijk.
    Na de eerste geslaagde vlucht met een luchtballon, zochten geleerden en wetenschappers een manier om het nieuwe medium te kunnen besturen. Al gauw was men er achter gekomen dat de ballon alleen maar in de richting wilde waarheen de wind haar wilde drijven. Eén van die ontwerpers van een voortbeweging was een zekere Jean Pierre Blanchard (1753 – 1809) - zie foto links. Hij was een Franse werktuigkundige geboren in Andelys en wegens de zeer beperkte financiële middelen van zijn ouders was zijn opleiding navenant. Zijn technisch inzicht en zijn dadendrang waren echter omgekeerd evenredig aan die geldmiddelen en zo ontwikkelde hij zich al gauw tot een zeer bekwame werktuigkundige. Hij bezat ook een grote fantasie en zo ontwikkelde hij, in combinatie met zijn technische vaardigheid, een soort rijtuig voortbewogen met menselijke spierkracht. Hiermede zou hij, naar het schijnt, destijds de Champs-Elysee te Parijs onveilig hebben gemaakt.
    Van zodra hij hoorde over de uitvinding van de gebroeders Montgolfier en Charles, besloot hij ook een Charlière te bouwen. Om de ballon voort te bewegen voorzag hij de gondel vleugelvormige schepraderen. De opstelling van de raderen kwam ongeveer overeen met de raderen van de latere raderboten. Hij dacht dat de menselijk spierkracht voldoende zou zijn om de ballon in de gewenste richting te kunnen voortbewegen. Ook had hij tussen de gondel en de ballon een parasolvormig scherm geconstrueerd die moest voorkomen dat de ballon, bij een eventueel lek, met een al te harde klap ter aarde zou storten. Blanchard werd door velen beschouwd als een topsnoever, doch met een bikkelhard zelfvertrouwen kondigde hij aan om op 14 februari 1784 vanaf de Champs de Mars op te stijgen. Niet alleen opstijgen, hij voegde er nog aan toe dat hij van plan was te landen bij La Vilette. De geplande tocht kon echter door onvoorziene omstandigheden pas op 2 maart doorgaan. Een Benedictijner geestelijke Dom Pech zou ook met de ballon meevaren. Deze heer Pech had echter de pech dat hij veel te zwaar was, zodat de ballon niet van de grond los kwam. Zeer teleurgesteld stapte de eerwaarde uit; nog wilde de ballon niet opstijgen omdat een jonge militair zich aan de gondel had vastgeklampt. Die had met zijn makkers een weddenschap afgesloten dat hij de ballonvaart zou meemaken. Na met geweld van het Champs de Mars te zijn verwijderd kon eindelijk de ballon opstijgen. Alhoewel de vlucht succesvol was slaagde hij er niet in zijn ballon met de raderen voort te bewegen in de door hem gewenste richting. Na een kwartier landde hij wel veilig op de grond. Zijn relaas was aanvankelijk sober en kort, maar naarmate de pers zijn kortstondige vlucht breed uitsmeerde, groeide zijn zelfvertrouwen over zijn eigen prestaties. Latere publicaties ......   lees verder op de speciale pagina over Jean-Pierre Blanchard en dr. John Jeffries 
     
  • Op 7 januari 1943 maakte de toenmalige Amerikaanse president Harry Truman (zie foto rechts) in zijn State of the Union bekend, dat Amerika een eigen 'atoombom' had ontwikkeld.

    Wat is nu de werking van de atoombom ?
    Kerncentrales en de atoombom zijn beiden gebaseerd op hetzelfde principe, namelijk kernsplijting. Met kernsplijting bedoelen we het splijten van één kern in twee kleinere kernen. Hierbij komt een gigantische lading energie vrij, zoals de atoombom op Hiroshima heeft bewezen. Om een indruk te geven over hoe groot de hoeveelheid energie is die vrij komt : de punt van een vulpen levert na kernsplijting net zo veel energie op als een ton kolen. Kernsplijting is eigenlijk een simpel proces. Het makkelijkste is om te kijken naar een voorbeeld, bijvoorbeeld het uraanisotoop 235U. Dit isotoop wordt veel gebruikt in kerncentrales. De kern van 235U is bijna stabiel, maar als je er een niet al te snel neutron in schiet, dan ontstaat 236U. Dit 236U is niet stabiel, en er vindt dan ook direct splijting plaats. Dit komt er op neer dat het uraanisotoop splitst in twee kleinere brokstukken die wegschieten. Deze reactie is niet de enige mogelijke reactie. Er zijn ook nog vele andere mogelijkheden.
    Je kunt ook uitrekenen hoeveel energie er vrijkomt met behulp van de formule van Einstein: E = mc2. Het komt er hierbij ongeveer op neer dat bij de splijting van 1 kilogram 236U ongeveer 90 x 1015 joule vrij komt. Dit is voldoende om heel Canada voor drie dagen van energie te voorzien.
    Na dit alles wordt in de kerncentrale gezorgd voor een kettingreactie. Dit houdt in dat er bij de splijting neutronen vrij komen die allen weer nieuwe kernen kunnen laten splijten. Dit gaat net zo lang door totdat al het splijtbare materiaal op is. Het probleem met atoombommen is, dat er een hoeveelheid splijtbaar materiaal nodig is die groter of gelijk is aan de kritieke massa. Wanneer je precies zo'n hoeveelheid hebt, explodeert de boel vanwege de kettingreactie die spontaan op gang komt. Dit betekent dat wanneer je een bom in elkaar zet, deze explodeert.
    Toch hebben de wetenschappers daar een manier voor gevonden om dit probleem te omzeilen. Een atoombom bestaat uit twee aparte kamers die elk een massa bevatten die subkritiek is. Op het moment dat de bom wordt losgelaten, worden de twee stukken subkritieke massa door middel van een kleine interne explosie tegen elkaar gedrukt. Op dat moment hebben ze samen een massa die groter of gelijk is aan de kritieke massa. Zo komt de kettingreactie op gang, wat tot enorme gevolgen leidt.
    Bij de explosie van de atoombom komen er drie hoofdfactoren vrij. Deze drie zijn: de hitte, de druk en de straling. Deze drie zijn enorm en hebben verstrekkende gevolgen gehad.
    Bij het gooien van de bom op Hiroshima was de hitte van de bom in het centrum van de explosie (ook wel hypocentrum) ongeveer 7000o Fahrenheit. Dat is ongeveer 3850o Celsius. Door deze hitte veranderen zelfs beton en ander gesteente van vorm op afstanden van vele mijlen. Sommige daken die keramisch waren betegeld smolten weg.
    De explosie van een atoombom veroorzaakt een ultrahoge druk. De bom die op Hiroshima was gegooid veroorzaakte een wind turbulentie van 980 mijl per uur. Dat is vijf keer krachtiger dan de wind turbulentie van een orkaan. De druk was 3,5 kilogram per vierkante centimeter.
    Bij het gooien van de atoombom op Hiroshima kwamen er vier soorten straling vrij. Deze werden Alfa-, Bèta-, Gamma- en neutronenstraling genoemd. De Alfa- en Bètastralingen werden geabsorbeerd door de lucht en waren niet sterk genoeg om de grond te bereiken. De Gamma- en neutronenstraling waren wel sterk genoeg om de grond te bereiken en waren dus schadelijk voor de bevolking.
 
   

Geschiedenis van vandaag

© copyright WorldwideBase 2005-2009