header zoogdieren


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Reuzenpanda of bamboebeer

 

Zoogdierenpagina klik hier >>>

 

reuzenpanda of bamboebeer, de soort Ailuropoda melanoleuca, een afwijkende vertegenwoordiger van de roofdieren uit de familie Beren. Het is een bewoner van de bamboebossen in het hoogland boven de 3000 m van delen van West-China (Sichuan). Het dier werd in 1869 ontdekt door de Franse Pater-David (die ook het Pater-Davidshert ontdekte).

Het bepalen van de systematische positie van dit eigenaardige dier is niet eenvoudig geweest. Ten slotte is gebleken dat van verwantschap met de tot de kleine Beren behorende panda geen sprake is. De gelijkenis berust op convergentie: de kleine panda is net als de reuzenpanda een bamboe-eter. Bijzondere aanpassingen aan een bamboedieet zijn bij de reuzenpanda de vierkante knobbelkiezen, de krachtig ontwikkelde kauwspieren met een grote kam op de schedel voor de aanhechting daarvan, de merkwaardig gebouwde hand om stengels vast te houden, enz. Het dier weegt 120–150 kg, mannetjes zijn zwaarder dan wijfjes; de lengte bedraagt ca 1,50 m. De wollige vacht vertoont een merkwaardige verdeling van wit en zwart – kop, romp en hals zijn wit; oogringen, oren, schouders en poten zijn zwart.

Reuzenpanda's kunnen in dierentuinen tot meer dan 20 jaar oud worden; de dieren bereiken pas geslachtsrijpheid als ze 5–6 jaar oud zijn. De draagtijd beloopt ca. 20 weken en het enige, weinig ontwikkelde, jong (zelden twee of drie jongen, waarvan er toch maar slechts één opgroeit) weegt ca. 100 g en is lang-wit-behaard. Vanwege zijn speciale eetgewoonte is de panda een moeilijke gast in de dierentuin; daarbij komt dat de voortplanting van dit betrekkelijk eenzelvige dier eveneens een moeizame zaak is en nog maar zelden is gelukt (vnl. Zoo Peking). Wilde populaties van de bamboebeer bestaan over het algemeen uit kleine aantallen en zijn onderhevig aan ‘population crashes’ (sterke afname in korte tijd). Dit hangt samen met de wisselingen in de bestanden van de voedselplanten (vnl. het bamboegeslacht Sinarundinaria). Schattingen van de aantallen van dit ongetwijfeld zeldzame dier zijn vooralsnog niet betrouwbaar. De enorme aantrekkingskracht van de reuzenpanda heeft het dier tot symbool van het Wereld Natuur Fonds gemaakt.

De reuzenpanda, het beroemde symbool van het Wereld Natuur Fonds, kom je in de vrije natuur bijna niet meer tegen. Er bestaan nog slechts 1500 exemplaren. De panda behoort tot de kleine beren. Qua gestalte lijkt hij op een beer en hij wordt 1,50 meter hoog. Zijn zachte vacht is zwart-wit. De voorpoten zijn door een verlengd handwortelbeentje omgevormd tot grijphanden. Daarmee kunnen ze moeiteloos de bamboestengels vasthouden waarmee ze zich voeden. Omdat bamboescheuten maar heel weinig voedingsstoffen bevatten moet de panda het grootste deel van de dag met eten doorbrengen. Men vermoedt, dat de grote panda het enige roofdier is dat alleen maar planten eet.

De reuzenpanda leeft alleen in een eigen territorium. In de paringstijd gaat hij buiten zijn territorium op zoek naar een vrouwtje. Hij probeert haar met klagelijke geluiden te lokken. Wanneer een jong wordt geboren is het eerst blind en weegt het slechts iets meer dan 100 gram! Al na twee maanden weegt hij twintigmaal zoveel. Panda's verblijven een groot deel van de dag op de grond. Wanneer er gevaar dreigt, klimmen ze in een boom.

De kleine panda heeft een roodbruine vacht en een geringde, volle staart. De witte tekening in zijn gezicht is bijzonder opvallend. Zijn belangrijkste voedselbron is bamboe. Daarnaast eet het dier ook bessen, wortels en eikels, soms zelfs jonge vogels. Men weet niet hoeveel kleine panda’s er bestaan. Hij leeft in bamboebossen en aan de voet van de Himalaya.
 

 
   

footer zoogdieren

© copyright WorldwideBase 2005-2009