header zoogdieren


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Knobbelzwijn

 

Zoogdierenpagina klik hier >>>

 

Het knobbelzwijn dankt zijn naam aan de zes kraakbeenachtige wratten, die aan beide zijden van zijn kaakbeen en onderkaak uitsteken en waarvan niemand precies de functie weet. Eén verklaring luidt dat ze als wapen gebruikt worden.

Het knobbelzwijn leeft in familieverbanden, ook wel rotten genoemd, die mannetjes, vrouwtjes en één of meerdere worpen van verschillende leeftijden bestaat. Soms sluiten meerdere groepen zich aaneen, waarbij elke groep zijn zelfstandigheid behoudt. Het familieverband is belangrijk voor de bescherming van de jongen tegen vijanden. Het knobbelzwijn eet  hoofdzakelijk gras en kruiden, die het met de snijtanden uitrukt. Door de korte hals en lange poten is het dier gedwongen om te knielen. Ook bladeren en vruchten staan op het menu en soms graaft het naar knollen en wortels. Tijdens de paartijd achtervolgt het mannetje het vrouwtje voortdurend en loopt rondjes om haar heen, tot ze bereid is met hem te paren. De moeder verlaat het hol overdag om voedsel te zoeken en komt 's middags en 's avonds terug om de jongen te zogen. Al na een week maken de jonge knobbelzwijntjes korte uitstapjes. 

Het wrattenzwijn is voornamelijk een grazer, die 's nachts in een hol slaapt met de zwaar bewapende kop naar de buitenkant gericht; vaak worden dergelijke holen samen bewoond met een aardvarken, dat tot de nachtdieren behoort en dus het hol slechts overdag benut. Grazen en wroeten gebeurt vaak door op de met eelt bedekte polsen voort te schuiven. Dit weerbare varken is als prooi in trek bij leeuwen en panters en uiteraard ook de mens. Na een draagtijd van bijna zes maanden worden 2–6 jongen geboren, die geen speciaal jeugdkleed dragen en na ruim een week met de ouders meelopen. Maximale levensduur ca. 20 jaar. Het wrattenzwijn is nog wijd verspreid en algemeen in grote delen van Afrika. Alleen in het zuidelijkste deel van het verspreidingsgebied (Kaapprovinsie) is de soort al lang geleden uitgeroeid.

► Knobbelzwijnen houden ervan door de modder te wentelen en zijn meestal met een laagje modder bedekt. Omdat ze geen zweetklieren bezitten, dient de modder ter verkoeling. 

► Wanneer het knob-belzwijn zich bedreigd voelt, valt het ook mensen aan. In 1965 werd in een dierentuin in Duisburg een oppasser gedood door een knobbelzwijn waarvan men dacht dat hij tam was.

► Het volwassen knob-belzwijn is meestal grijs of zwart, door zijn gewoonte om in de modder te rollen, kan hij ook geel of rood lijken. De donkergrijze huid is weinig behaard, behalve de soms zeer lange nekmanen, de licht gekleurde bakkebaarden en het zwarte pluimpje van de staart; bij de snelle vlucht (in Zuid-Afrika heet het dier ‘hardloper’) wordt de staart recht omhoog gestrekt en werkt het pluimpje als een vaantje.  De schouder-hoogte beloopt 55–85 cm, het gewicht 50–150 kg; de staart wordt hooguit 50 cm lang.

Door zijn afzichtelijk is de knobbelzwijn een van de opvallendste dieren van de Afrikaanse savanne. Waarom hij daar zo onbevreesd kan leven, is niet moeilijk te begrijpen.

Het wrattenzwijn komt voor in vrijwel geheel Afrika bezuiden de Sahara buiten de woudzone; op de open steppen vindt men kleine familiegroepen (ouders met jongen) en solitaire exemplaren (meest oude mannetjes). Het wratten-zwijn is gekenmerkt door een bizar versierde kop; niet alleen zijn de hoektanden in boven- en onderkaak tot vaak zeer grote (in bovenkaak tot 60 cm lang!), naar boven omkrullende slagtanden ontwikkeld, de kop draagt ook nog drie paar grote gezwellen (wratten), nl. onder en voor het oog en op de onderkaak.

► Wanneer het vrouwtje drachtig is, verlaat ze de familie en trekt naar plaatsen waar geen andere knobbelzwijnen leven. Vervolgens zoekt ze een hol waar ze meestal 2 of 3 jongen werpt. Men heeft worpen van 6 of 7 jongen waargenomen, maar omdat ze maar 4 tepels heeft is het onduidelijk hoe ze het klaarspeelt de jongen te voeden.

 
   

footer zoogdieren

© copyright WorldwideBase 2005-2009