header zoogdieren


 maak van deze website uw startpagina !

WorldwideBase
Alle wwbase pagina's

 

Tuimelaar

 

Zoogdierenpagina klik hier >>>

 
De dolfijn is het bekendste en meest geliefde zeezoogdier. Toch heeft het leven van de speelse dolfijnen aan onze zeekusten nog steeds veel geheimen voor ons.  Grote tuimelaars met hun staalgrijze ruggen en de korte, stompe snuiten, zijn intelligente dieren. De geluiden die ze uitstoten vormen een soort taal.

Leefwijze
Dolfijnen zijn sociale dieren en leven in groepen van verschillende samenstelling; de ene keer zijn het dieren van hetzelfde geslacht, dan weer is het een gemengde groep met jongen. Ze helpen elkaar bij de jacht, bij geboorte en ziekte. Hun vriendelijke gedrag en hun samenwerking is voor hen van levensbelang.  Dolfijnen communiceren met elkaar door fluit- en kliktonen. Het is niet bekend hoe complex hun 'taal' is, maar er bestaat geen twijfel over dat dolfijnen elkaar verstaan, herkennen en antwoorden.

Voortplanting
Grote tuimelaars paren meestal in de lente of de zomer, en het vrouwtje baart na tien tot twaalf maanden een jong onder water.

Twee en soms zelfs meerdere als 'vroedvrouw' fungerende dolfijnen helpen de moeder bij de geboorte, en beschermen haar tegen aanvallen van haaien, die door het bloed dat bij de geboorte vrijkomt, worden aangetrokken. Vervolgens zwemmen ze met de hele groep weg, en begeleiden het pasgeboren jong tot aan het wateroppervlak voor zijn eerste ademteug. Dolfijnen zijn bij de geboorte beslist op de hulp van deze vroedvrouwen aangewezen.

Gewonde dolfijnen kunnen ook op dergelijke hulp rekenen. Bij de vertwijfelde kreten van een gewond dier schieten andere dolfijnen direct te hulp, en proberen ze het zieke dier in het water te dragen of naar de oppervlakte te begeleiden, waardoor het kan ademhalen.

De moeder zoogt haar jong minstens 16 maanden. Daardoor heeft ze meestal maar eens in de twee of drie jaar een nieuw jong. Waarschijnlijk paart ze elke keer met een ander mannetje.

Voedsel en jachtgewoonte
Dolfijnen eten verschillende soorten vis en hun jachtgedrag past zich elke keer aan de beschikbare prooidieren aan.

Als ze op een grote school vissen stuiten, jagen de dolfijnen met honderd of meer soortgenoten samen om elkaar bij de visvangst te helpen. Als de vissen zich tijdens zo'n aanval willen verspreiden, 'roepen' de dolfijnen elkaar aanwijzingen toe en drijven zo de vissen bijeen. Het wateroppervlak wordt op deze manier een val waaruit de vissen niet kunnen ontsnappen. Men neemt aan dat de dolfijnen de vissen bovendien nog met hun harde geluiden onzeker maken.

Als vissen vrij in het water of in scholen rondzwemmen, dan jagen de dolfijnen overdag. In perioden wanneer zulke scholen zeldzaam zijn, gaan de dolfijnen 's nachts op jacht, of zoeken ze naar inktvissen en naar vissen die op de zeebodem leven.

De dolfijnen en de mens
Mensen en dolfijnen komen alleen in elkaars vaarwater als ze op dezelfde plaats naar vis zoeken. Elk jaar verdrinken duizenden dolfijnen in vissersnetten. Soms strandt er een hele school dolfijnen. Dierenbeschermers proberen dan om de dieren naar dieper water terug te brengen, maar vaak mislukt hun poging. Men neemt aan dat alleen die dieren waarbij het peilsysteem ontregeld is, stranden en dan met hun noodkreten andere dieren in het ongeluk meesleuren.

Korte feitjes
Dolfijnen kunnen twee meter onder water hun voedsel verorberen, en 15 minuten lang onder water blijven. Haaien en orca's eten af en toe dolfijnen. De geluiden van een dolfijn hebben een frequentiebereik van 0,25 kHz tot 80-220 kHz (ultrageluid). Tijdens hun slaap liggen de wijfjes aan het wateroppervlak met hun luchtgat boven water. Mannetjes slapen net onder het wateroppervlak, en komen in een reflex af en toe boven water om lucht te happen.

HOE DOLFIJNEN MET ELKAAR 'PRATEN'

Dolfijnen oriŽnteren zich met behulp van sonar (geluidenecho). Als een dier een serie hoge, klikkende tonen uitstoot, vormen deze een 'golffront' dat zich door het water verplaatst en een echo teruggeeft zodra het geluid op een vast object stuit. De hersenen van een dolfijn zijn erop gebouwd om de echo's die door het water teruggekaatst worden, te verwerken. Hij interpreteert ze als een 'klankbeeld' van zijn omgeving, waardoor hij de grootte van een buit, maar ook de richting en de afstand waarin de buit zich bevindt kan bepalen.

De grote tuimelaar is ťťn van de meest bekende dolfijnen omdat hij in alle oceanen voorkomt (behalve in de poolgebieden). De grote tuimelaar, die tot de familie van de dolfijnen behoort, is een hoogintelligent dier. Men treft hem overal op aarde aan in de kustwateren van de zeeŽn in de gematigde en de tropische zones. De grote tuimelaar wordt meer dan 4 meter lang. Hij heeft een krachtig gestroomlijnd lichaam, een hoge rugvin en een korte snuit. De onderkaak steekt enigszins naar voren. Hierdoor en door de lijn van zijn mond lijkt het of de tuimelaar glimlacht.

Tuimelaars leven in duidelijk gestructureerde groepen van ongeveer 15 dieren en ze sluiten zich ook bij zogenaamde scholen aan. Ze hebben onderling een innige band. Ook hebben ze weinig angst voor mensen. Hun levendigheid en plezier in het spelen hebben de tuimelaars tot vrienden van scheepslieden en dichters gemaakt. Tuimelaars jagen in de ondiepe wateren van de zeeŽn op vissen en kreeftachtigen. Ze kunnen voorwerpen herkennen doordat ze, als een soort echopeiling, 1000 signalen per seconde afgeven. Deze signalen in de vorm van klikkende geluiden worden in verschillende frequenties uitgezonden.

De grote tuimelaar gaat tijdens de paringstijd zeer liefdevol met zijn partner om. Na een draagtijd van 12 maanden wordt het jong geboren, meestal komt de staart als eerste naar buiten. Als het jong ter wereld komt wordt het vrouwtje geholpen door andere vrouwtjes. Zij begeleiden het jong direct naar de wateroppervlakte, waar het jong voor het eerst kan ademhalen. De jongen worden ongeveer een jaar lang gezoogd met melk, die, net als bij alle walvissen, zeer rijk is aan vet. Zo kan het jong snel groeien. Er wordt ongeveer om de twee jaar een jong geboren.

De kleine tuimelaar of bruinvis leeft in de kustwateren van het noordelijk halfrond. Het is een kleine dolfijnensoort, die niet meer dan 1,8 meter lang wordt. Hij heeft een kleine kop met een brede afgeronde snuit. In zijn bek bevinden zich 80 tot 100 scherpe tanden. De langwerpige spleetogen liggen bijna op gelijke hoogte met de snuit. Kleine tuimelaars leven in groepen van ongeveer 15 dieren. Ze hebben een levendig contact met elkaar en helpen elkaar wanneer er gevaar dreigt. Het voedsel van deze walvissen bestaat uit vissen en inktvissen. Tijdens de jacht kunnen ze wel 5 minuten onder water blijven zonder dat ze boven hoeven te komen om adem te halen. Na een lange, innige paring wordt er na een draagtijd van 10 tot 11 maanden een jong ter wereld gebracht. Het jong wordt de eerste 8 maanden gezoogd. Tijdens het zogen zwemt de moeder dicht aan de wateroppervlakte zodat het jong zonder moeite kan ademhalen.

 
   

footer zoogdieren

© copyright WorldwideBase 2005-2009