Johann Kastner

 

 
   


 



Kastner, Johann Georg

(ook: Jean Georges; Straatsburg 1810 - Parijs 1867)

Elzassisch componist en muziektheoreticus. Kastner studeerde in Straatsburg theologie, hield zich daarnaast als amateur bezig met muziek, en had daarmee zoveel succes dat de overheid hem in staat stelde om in Parijs aan het conservatorium te gaan studeren; daar werden Berton en Reicha zijn leraren. Hoewel zijn eerste theoretische geschrift over instrumentatie (1837) geen blijvend succes werd (het ondervond van Berlioz' leerboek over instrumentatie te veel concurrentie), publiceerde Kastner een lange reeks voortreffelijke verhandelingen over alle denkbare onderwerpen.

Als componist verraste hij Parijs met enkele opera's in Duitse stijl en met verschillende (mannen)koorwerken. Van zijn instrumentale werken moeten vooral de filosofisch aandoende symfonische gedichten worden genoemd: o.a. Les danses des morts (1852), Les chants de la vie (1854) en La harpe d'Éole et la musique cosmique ,.

Zijn zoon Georg Friedrich Eugen Kastner (1852-1882) was een bekwaam akoesticus en uitvinder van het `vlammenorgel' (pyrofoon).