Johann Rosenmüller
 

 
   


 



Rosenmüller, Johann

(ook: Giovanni Rosenmiller; Ölsnitz, bij Plauen, 1619 - Wolfenbüttel 1684)

Duits componist en organist. Rosenmüller studeerde in Leipzig, waar hij ook werkte als organist aan de Nicolai- en Thomaskirche en als leraar aan de Thomasschule. In 1655 moest hij, verdacht van ontucht met kinderen, de wijk nemen. Via Hamburg ging hij naar Venetië, waar o.a. Johann Ph. Krieger in 1673 les van hem kreeg en waar hij een gezien muziekleraar werd. In 1674 werd hij door hertog Ulrich von Braunschweig-Wolfenbüttel benoemd tot hofkapelmeester.

Met Hammerschmidt en Weckmann behoorde Rosenmüller tot de belangrijkste componisten van zijn generatie. Hij verrijkte de op contrapunt en polyfonie berustende Duitse muziek met Venetiaanse zin voor klankkleur. Hij liet veel instrumentale dansen na. Een verzameling van belang is zijn Studentenmusik mit 3 und 5 Violen oder auch andern Instrumenten zu spielen (1654). In Venetië schreef hij o.a. sonates (Sonate a 2-5 stromenti d'arco ed altri , 1682). Daarnaast componeerde hij vocale werken (Kern-Sprüche, mehrenteils aus Heiliger Schrift , 1648-1651), veel kerkmuziek en gelegenheidscomposities.