Josquin des Prés
 

 
   
Klik op de radio
voor een fragment




Josquin des Prés

(ook: Despres, des Préz, a Prato, Pratensis; Vermandois, Henegouwen, ca. 1440 - Condé, Henegouwen, 1521)

Zuid-Nederlands componist en kanunnik. Josquin des Prés was koorknaap in Saint-Quentin. Vanaf 1459 was hij zanger aan de dom van Milaan en in 1474 trad hij in die stad in dienst van de Sforza's. Daarna was hij van 1486 tot 1494 pauselijk kapelzanger in Rome, van 1501 tot 1503 kapelmeester in Ferrara, en vervolgens proost van het domkapittel van Condé in Henegouwen.

Josquin de Prés was een van de belangrijkste componisten van het einde van de 15e en het begin van de 16e eeuw. Zijn omvangrijke oeuvre omvat onder meer 25 missen, ruim 120 motetten en 60 of meer chansons. Zijn unieke stijl valt op door grote beweeglijkheid, vrijmoedigheid en lichtvoetigheid. Ook de doorzichtigheid en overzichtelijkheid van de structuur, gecombineerd met de nauwe aansluiting van de muziek bij de tekst, zijn belangrijke kenmerken van zijn muziek. Dit laatste stijlkenmerk werd door zijn tijdgenoten, die Josquin `prins der muziek' noemden, als nieuw ervaren en aangeduid met het begrip `musica reservata'.

Samen met Antoine Brumel, Jacob Obrecht, Pierre de la Rue, Martin Agricola, Heinrich Isaac en Loyset Compère valt Josquin te scharen onder de zogeheten Derde Nederlandse School, componisten die omstreeks 1450 werden geboren; Obrecht was daarin een van de weinige Noord-Nederlanders. Veel musici van deze generatie, onder wie mogelijk ook Josquin, hadden Ockeghem als leermeester.

De lijn van Josquin, die niet alleen als componist, maar ook als pedagoog zeer gezien was, werd voortgezet door de componisten van de Vierde Nederlandse School: Nicolaas Gombert en Jacobus Clemens non Papa.