Orlando di Lasso
 

 
   
Klik op de radio
voor een fragment



 



Lasso, Orlando di

(ook: Orlando Lasso, Orlandus Lassus, Roland de Lâtre; Bergen, Henegouwen, 1532 - München 1594)

Zuid-Nederlands componist. Lasso zong als jongen in de St.-Nicolaaskerk te Bergen. Men neemt aan dat hij een zeer fraaie stem had, want de roem van zijn jongenssopraan bereikte Italië. De muziekminnende Ferdinand Gonzaga, onderkoning van Sicilië, nam de jongen op menige reis mee, tijdens welke Lasso onder meer Milaan, Napels en Rome leerde kennen. In deze laatste stad zou hij later, in 1553, enige tijd kapelmeester zijn aan de Sint-Jan van Lateranen. Na deze Italiaanse reis (of reizen?), waarop Lasso uitgebreid met de Italiaanse muziek in al haar vormen kennis kon maken, volgde nog een reis door Frankrijk, en vermoedelijk ook een door Engeland. Toen hij 23 was, vestigde hij zich in Antwerpen. Men vermoedt echter dat hij er, ondanks zijn goede papieren, niet in slaagde een aanstelling te vinden. Elders in Europa was echter wel plaats hem: in München vond Lasso in 1556 emplooi als instrumentalist in de hofkapel van de hertog van Beieren, waarvan hij in 1560 kapelmeester werd; tot zijn dood zou hij deze positie bekleden. De Münchener hofkapel werd onder Lasso's leiding een van de belangrijkste van Europa, en München werd door zijn toedoen een van de voornaamste muziekcentra.

Zijn uitgebreide reizen door Europa hadden een ongemeen gunstige invloed op zijn compositorisch kunnen: van zijn Zuid-Nederlandse vaderland leerde hij het handwerk van de componeerkunst in alle details zeer degelijk kennen; in Italië leerde hij hoe men daarenboven gloedvol en met warmte kon schrijven; zijn vertrouwdheid met de Franse muziek (die hij ongetwijfeld ook reeds als koorknaap in Bergen had leren kennen) gaf zijn muziek lichtvoetigheid en beweeglijkheid mee.

Lasso behoort tot de vruchtbaarste aller componisten; meer dan 2000 werken moet hij hebben geschreven, waarvan het merendeel bewaard is gebleven. Het briljantst is hij in zijn bijna 1300 motetten: van twee- tot twaalfstemmige koorwerken over de meest uiteenlopende onderwerpen. Voorts schreef hij ruim 50 vier- tot achtstemmige missen, meer dan 100 vier- tot tienstemmige Magnificats, de zeer beroemde vijfstemmige Boetepsalmen , verschillende vier- en vijfstemmige passies en de Lectiones uit Job. Tot zijn wereldlijke werken behoren: bijna 200 madrigalen, villanella's, canzones en andere werken, bijna 150 chansons en bijna 100 koorliederen.