Zoltan Kodaly
 

 
   



 



Kodály, Zoltán

(Kecskemét 1882 - Boedapest 1967)

Hongaars componist, musicoloog en pedagoog. Kodály stamde uit een muzikaal gezin, waar veel aan huismuziekbeoefening werd gedaan. Hoogst geďnteresseerd in klassieke muziek, leende hij uit de bibliotheek van het naburige stadje Nagyszombat partituren van de grote meesters en bestudeerde deze zo nauwgezet dat hij reeds op zestienjarige leeftijd in staat was een mis voor koor en orkest te componeren. Op achttienjarige leeftijd werd hij leerling van het conservatorium van Boedapest. Zijn studie aldaar bekroonde hij in 1906 met een proefschrift over het Hongaarse volkslied. Direct hierna werd hij benoemd tot leraar aan het Boedapester conservatorium. Hij bleef deze functie tot 1940 bekleden.

Kodály's belang voor de Europese muziek, en voor de Hongaarse muziek in het bijzonder, is drieledig:

Hij verzamelde met Béla Bartók duizenden volksliederen en -dansen uit geheel Zuidoost-Europa; helaas is een deel van dit uitgebreide archief tijdens de Tweede Wereldoorlog verloren gegaan.

Tevens was hij een uitzonderlijk pedagoog: niet alleen leidde hij een groot aantal jonge musici op (bijna alle jonge Hongaarse componisten zijn bij Kodály in de leer geweest: Sandor Veress, Paul Kadosa, Mátyás Seiber, Istvan Arató), maar ook voor het muziekonderricht aan amateurs en kinderen zette hij zich zeer in. Zijn methode (Kodály-systeem) is naast die van Carl Orff een van de belangrijkste ontwikkelingen op dit gebied in de 20e eeuw geweest.

Ten derde zijn zijn composities van belang. Zijn internationale faam als componist begon in 1926. In dat jaar ging in Zürich zijn bewerking van de 55e psalm, de Psalmus Hungaricus , in premičre. De Hongaarse tekst is in meerdere talen vertaald en het werk wordt over de gehele wereld uitgevoerd. Andere belangrijke werken van hem zijn: de opera Háry János (1925-1927; de orkestsuite daaruit behoort tot de populaire klassieke werken) en het ballet Dansen uit Galanta (1933). Voorts componeerde hij orkestwerk (Concert voor orkest , 1941) zeer veel koormuziek (waaronder missen, het Budavari Te Deum , 1936), kamermuziek, piano- en orgelmuziek en liederen.