Appaloosa

 

Paarden pagina - klik hier

 
Het heeft vast te maken met zijn Indiaanse afkomst dat de appaloosa zo robuust en zo stevig op zijn benen staat. Dit opvallende mooie paard is goed aangepast aan de buitendisciplines, maar in de Verenigde Staten levert hij eigenlijk in alle onderdelen uitstekende prestaties.

De geschiedenis van de appaloosa
In de boeken is de appaloosa het zinnebeeldige paard van de Amerikaanse Indianen. Hij dankt zo zijn bijzondere gevlekte kleur aan zijn Spaanse voorouders. Toen de conquistadores namelijk in Zuid-Amerika en Mexico aan wal gingen, kende men het paard daar nog niet. Hij was al meer dan 8000 jaar uit dit enorme continent verdwenen!!

Na God...
De Spanjaard Cortez kwam in 1519 in Mexico aan met heel veel soldaten en… zestien paarden. Dat lijkt misschein weinig, maar toch wist dit handjevol dieren een grote paniek onder de Indianen teweeg te brengen, die ze nog nooit hadden gezien. Charges van de cavalerie droegen dan ook in ruime mate bij aan de overwinning van de Spanjaarden. Cortez verklaarde zelfs: "Na God, hebben we onze overwinning aan de paarden te danken."

Veeleisende fokkers

De Nez Perce indianen, die het noordwesten van Amerika bevolkten, hadden de reputatie van topfokkers. Al in 1750 ontwikkelden ze al op zeer selectieve wijze een appaloosaras. Ze castreerden hengsten die niet aan hun verwachtingen voldeden en ruilde onvolmaakte merries. Ook het uiterlijk was heel belangrijk, maar de Nez Perce waren voor alles uit op snelle en sterke rijpaarden die zowel tijdens de jacht als in oorlogstijd even goede prestaties leverden.

En ze kregen veel kinderen
De kleine kudde paarden van Cortez bevatte vijf merries en elf hengsten waaronder twee bonte en een gevlekte. En van die paarden hebben zoveel Indiaanse paarden hun kleur geerfd! Dit kleine aantal paarden plantte zich voort en verspreidde zich met name in de richting van de groene regio’s van het westen en noordwesten. In de 17e eeuw telde men al vele horden wilde paarden. De Spanjaarden richtten in het Amerikaanse zuidwesten stoeterijen op.  Geleidelijk aan werden de gefokte en wilde paarden over het gehele Amerikaanse continent verspreid.

Een ideale kameraad
De Indianen waren in eerste instantie doodsbang voor deze sterke dieren. Ze begrepen echter al snel dat ze een kostbare hulp waren bij de bizonjacht, in oorlogstijd of tijdens hun talrijke verplaatsingen. Ze vingen wilde paarden, maar verwierven – hetzij door ruilhandel, hetzij door diefstal – ook paarden van de Spanjaarden. In de tweede helft van de 19e eeuw bezaten de Priarie-indianen ongeveer 160000 paarden.

Bijna uitgegroeid
Het scheelde maar weinig of het ras werd uitgegroeid toen de Amerikanen zich meester hadden gemaakt van het grondgebied van de Indianen. Na een langdurig verzet en wanhopige vlucht over een afstand van meer dan 2000 km naar Canada, moesten de Nez Perce toezien hoe hun eigendommen geconfisqueerd werden en hun kudde afgeslacht.

De wedergeboorte
In het begin van de 20e eeuw beleefde het appaloosaras een wedergeboorte op basis van enkele afstammelingen van de Indiaanse paarden. In Idaho werd de Appaloosa Club opgericht en momenteel telt men meer dan 400000 appaloosa’s in de Verenigde Staten.

Schofthoogte
Gemiddeld van 1,47 tot 1,60 m

Type en temperament

De appalpoosa – evenals de quarter-horse een zgn. ‘westernpaard’ – werd oorspronkelijk door de Spanjaarden gefokt in het zuidwesten van de Verenigde Staten en, met name, door een Indianenstam uit het noorden in de staat Washington.

Uiterlijk
De meest gevraagde appaloosa is compact met sterke en goed gevormede ledematen. Hij moet een vrij lange hals hebben, een diepe borst, een compact lichaam en een vrij korte rug met hoog achterdeel. Aan zijn schuine schouder en geprononceerde schoft kan men de omvang en soepelheid van zijn gangen aflezen. De manen zijn fijn en schaars – men zegt dat hij daardoor niet verstrikt kon raken in het doornige strukgewas van zijn geboortestreek. Het voorhoofd is recht, de snuit rond, de oren vrij lang die op een open en vlak voorhoofd staan. Maar wat de appaloosa vooral onderscheidt is zijn door wit omrande iris en gemarmerde neusgaten.

Kleur
Voor het ras zijn vijf hoofdkleuren toegestaan. Ze zijn allemaal een mengeling van wit en donker ( varierend van rood tot bruin en van bruin tot bruin-zwart ).
Leopard (gevlekt): witte vacht bezaaid met donkere eivormige vlekken over het gehele of een deel van het lichaam.
Snowflake (vlokkig): rood tot roodbruine vacht met op de heupen geconcentreerde witte vlekken.
Blanket (witte rug): bruine vacht met min of meer gevlekte witte rug
Marbleized (gemarmerd): paard bedekt met marmering
Frost (rijp): sneeuwachtig op donkere ondergrond.

Karakter
De appaloosa is een heel gevoelig, goed hanteerbaar, snel en atletisch paard. Vanwege zijn goedaardige karakter wordt hij in de Verenigde Staten in alle disciplines gebruikt: races, springen, dressuur… Hij wordt ook veelvuldig als werkpaard gebruikt of voor recreatieve doeleinden. Hij is uitermate geschikt voor trektochten waar zijn robuustheid en stevige benen alom bewondering afdwingen. Natuurlijk wordt hij ook veel voor het westernrijden gebruikt vanwege zijn hanteerbaarheid en snelheid.